Officiële publicatie

Nota reserves en voorzieningen 2026

Nota reserves en voorzieningen 2026

Uitgever
Laren
Gepubliceerd
Kenmerk
gmb-2026-366332

Gemeenteblad, 2026, nr. 366332

Dit is een leesweergave van BouwRadar. Voor de authentieke publicatie, formele tekst en eventuele termijnen blijft de officiële bron leidend.

Tekst van de publicatie

Samenvatting

Met de Nota reserves en voorzieningen beschikt de gemeenteraad over duidelijke en actuele kaders voor het instellen, beheren en afbouwen van reserves en voorzieningen. Doel hiervan is een transparant, beheerst en doelmatig financieel beleid, in lijn met het BBV en de financiële verordening.

Reserves maken deel uit van het eigen vermogen en zijn in principe vrij besteedbaar. De gemeenteraad heeft volledige beleidsvrijheid bij het instellen, wijzigen en opheffen ervan. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de algemene reserve, die dient als financiële buffer en onderdeel is van het weerstandsvermogen, en bestemmingsreserves met een specifiek doel, zoals kapitaallasten of tariefegalisatie.

Voorzieningen maken deel uit van het vreemd vermogen en hebben een verplicht karakter. Zij worden gevormd voor toekomstige verplichtingen en risico’s waarvan de omvang onzeker is, zoals onderhoud, pensioenen of door derden beklemde middelen. Voor voorzieningen is nauwelijks beleidsvrijheid: zij volgen strikt de wettelijke regels van het BBV en mogen alleen voor het betreffende doel worden gebruikt.

Hoofdlijnen van het beleid

  • Harmonisatie tussen de BEL Combinatie en de BEL-gemeenten

    Harmonisatie zorgt voor eenduidige financiële sturing, consistente besluitvorming en een sterkere bestuurlijke en financiële samenhang. Daarnaast vergroot harmonisatie de doelmatigheid en efficiëntie in de uitvoering door gezamenlijke uitgangspunten en werkwijzen.

  • Terughoudend omgaan met reserves

    De gemeente streeft naar een beperkt en overzichtelijk aantal reserves. Middelen worden bij voorkeur via de exploitatie ingezet, zodat integrale afweging mogelijk blijft en middelen niet onnodig worden ‘geparkeerd’.

  • Structureel is structureel

    Structurele lasten worden in principe gedekt uit structurele baten. Reserves worden in beginsel incidenteel ingezet, met enkele expliciete uitzonderingen zoals de dekking van kapitaallasten en – onder voorwaarden – het benutten van het surplus van de algemene reserve.

  • Duidelijkheid bij bestemmingsreservesBij het instellen van een bestemmingsreserve worden heldere afspraken vastgelegd over doel, besteding, voeding, onttrekking, maximale omvang en looptijd. De gemeenteraad blijft beschikkingsbevoegd; mandatering aan het college is alleen mogelijk bij expliciet raadsbesluit.

  • Tijdelijkheid en opruimen van niet-benutte reserves

    Bestemmingsreserves zijn bij voorkeur tijdelijk. Reserves die vier jaar op rij niet zijn gebruikt, worden opgeheven, tenzij de raad anders besluit. Vrijvallende middelen komen ten gunste van de algemene reserve.

  • Wettelijk kader leidend bij voorzieningen

    Voorzieningen hebben een verplicht karakter en volgen strikt de regels van het BBV. De beleidsvrijheid van de raad is hierbij beperkt. Voorzieningen worden uitsluitend gevormd voor concrete verplichtingen of risico’s en zijn niet groter dan noodzakelijk.

  • Egaliseren waar dat bijdraagt aan stabiliteit

    Voor ongelijkmatig optredende lasten, zoals groot onderhoud, worden egalisatievoorzieningen ingezet. Deze zijn gebaseerd op actuele en door de raad vastgestelde beheer- en onderhoudsplannen.

  • Vereenvoudiging van de administratie

    Om het financieel beheer eenvoudiger en inzichtelijker te maken, worden voorzieningen waar mogelijk per (sub)categorie ingericht in plaats van per afzonderlijk object.

  • Periodieke toetsing en verantwoording

    Reserves en voorzieningen worden structureel beoordeeld binnen de planning- en controlcyclus (begroting, tussentijdse rapportages en jaarrekening) op nut, noodzaak en toereikendheid. De raad houdt zo blijvend zicht en grip.

1

Introductie

1.1

Inleiding

In de financiële verordening van de gemeente Laren is vastgelegd dat het college eens per vier jaar een nota ‘Reserves en voorzieningen’ ter vaststelling aanbiedt aan de gemeenteraad. In de nota reserves en voorzieningen worden de kaders vastgelegd voor het instellen, beheren en gebruiken van reserves en voorzieningen van de gemeente.

Met deze nota wordt beoogd te zorgen voor een transparant, consistent en beheerst financieel beleid, waarbij reserves en voorzieningen doelmatig worden ingezet en regelmatig worden beoordeeld op nut en noodzaak. Hiermee ondersteunt de nota de gemeenteraad en het college bij een zorgvuldige afweging van financiële keuzes en draagt zij bij aan een gezonde en toekomstbestendige financiële positie van de gemeente Laren.

Bij het opstellen van deze nota is uitgegaan van de geldende wet- en regelgeving. Daarbij gaat het niet alleen om externe wettelijke voorschriften, maar ook op interne regelingen en vorderingen. Op reserves en voorzieningen zijn het BBV en de financiële verordening van toepassing. In tegenstelling tot reserves biedt de wet- en regelgeving geen ruimte voor het ontwikkelen van eigen gemeentelijk beleid voor voorzieningen, hiervoor gelden uitsluitend de wettelijke bepalingen.

Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV)

Het externe kader is het BBV waarin de regels over de wijze van begroten en verantwoorden zijn uitgewerkt.

Financiële verordening gemeente Laren

Aanleiding voor deze nota is ook de actualisatie van artikel 16 van de financiële verordening in 2025. In dat kader zijn alle bestaande reserves en voorzieningen opnieuw beoordeeld, waar nodig aangescherpt en beter beleidsmatig gepositioneerd.

Artikel 16. Reserves en voorzieningenIn de begroting en jaarstukken vindt geen toerekening van rente over de reserves en voorzieningen aan de taakvelden plaats.Het college biedt de raad eens in de vier jaar een nota reserves en voorzieningen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld.Bij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve wordt in ieder geval aangegeven:het specifieke doel van de reserve;het bestedingsplan van de reserve;de voeding van de reserve;de onttrekking aan de reserve;de eventuele maximale hoogte van de reserve;de eventuele maximale looptijd; het programma waarin de reserve verantwoord dient te worden.

1.2

Leeswijzer

Deze nota start met een samenvatting waarin de kernpunten van deze nota kort worden toegelicht. Hoofdstuk 2 bevat een begripsbepaling van reserves en voorzieningen en beschrijft de belangrijkste verschillen tussen beide. Hoofdstuk 3 gaat in op de beleidskaders voor het instellen, wijzigen, gebruiken en opheffen van reserves en voorzieningen, inclusief de rolverdeling tussen gemeenteraad en college. Hoofdstuk 4 beschrijft de actualisatie van de bestaande reserves en voorzieningen, inclusief vrijval, clustering en herbenaming. Tot slot zijn in de bijlagen overzichtstabellen opgenomen van de huidige reserves en voorzieningen (was-wordt), evenals standaardmodellen voor het instellen en evalueren van een reserve of voorziening.

2

Begripsbepaling reserves en voorzieningen

Het onderscheid tussen reserves en voorzieningen is niet altijd even scherp, waardoor de termen regelmatig door elkaar worden gebruikt. Dat is begrijpelijk aangezien beide begrippen betrekking hebben op het apart zetten van middelen voor een specifiek doel. Desondanks bestaan er wezenlijk verschillen tussen reserves en voorzieningen. Deze verschillen worden in dit hoofdstuk nader toegelicht. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een schematisch overzicht waarin de belangrijkste verschillen tussen reserves en voorzieningen zijn weergegeven.

2.1

Reserves

Reserves kunnen worden omschreven als vermogensbestanddelen die tot het eigen vermogen behoren en die vanuit bedrijfseconomisch perspectief vrij besteedbaar zijn. Het gaat om een deel van de beschikbare begrotingsruimte dat niet direct wordt aangewend, maar wordt gereserveerd voor het opvangen van toekomstige lasten. Door het vormen van reserves wordt voorkomen dat huidige beleidskeuzes ten koste gaan van de financiële ruimte in de toekomst. Het BBV bevat onder meer de volgende bepalingen met betrekking tot reserves:

Reserves maken deel uit van het eigen vermogen (artikel 42). In de balans worden de reserves onderscheiden naar:de algemene reserve;de bestemmingsreserves.Een bestemmingsreserve is een reserve waaraan de provinciale staten respectievelijk de raad een bepaalde bestemming heeft gegeven (artikel 43).

De gemeenteraad heeft beleidsvrijheid ten aanzien van reserves. Er gelden geen wettelijke beperkingen voor het instellen, opheffen of de bestemming ervan te wijzigen. De regelgeving met betrekking tot reserves beperken zich voornamelijk tot definities en de wijze van verantwoorden in de begroting en jaarrekening. De gemeenteraad kan een eerder vastgestelde bestemmingsreserve op ieder moment aanpassen. Reservemutaties vinden altijd plaats via de resultaatbestemming bij de begroting en/of de jaarrekening. De gemeenteraad is als enige bevoegd om te besluiten over een reserve (budgetrecht). De goedkeuring kan op basis van:

  • Vaststelling van de begroting;

  • Een tussentijdse begrotingswijziging (via een apart raadsvoorstel, Zomernota en/of Slotwijziging);

  • Of vaststelling van de jaarrekening.

De reserves kunnen in twee hoofdcategorieën worden onderscheiden:

  • De algemene reserve;

  • Bestemmingsreserves.

Algemene reserve

De algemene reserve bestaat uit het vrij besteedbare eigen vermogen van de gemeente en kan worden ingezet voor nader te bepalen doelen. Deze reserve dient als financiële buffer voor het opvangen van algemene risico’s. Exploitatietekorten en -overschotten worden respectievelijk onttrokken aan of toegevoegd aan de algemene reserve. De algemene reserve maakt deel uit van het weerstandvermogen.

Bestemmingsreserve

Bestemmingsreserves zijn reserves waaraan de gemeenteraad een specifiek bestedingsdoel heeft verbonden. De aanwending van deze middelen is beperkt tot het vastgestelde doel. Het is voor de gemeenteraad mogelijk om een eenmaal gegeven bestemming te wijzigen. Het BBV bevat geen nadere afbakening van mogelijke bestemmingen, waardoor de gemeenteraad hierin beleidsvrijheid heeft. Omdat een eenmaal vastgestelde bestemming door de gemeenteraad kan worden aangepast, zijn bestemmingsreserves – evenals de algemene reserve – in principe vrij aanwendbaar. De bestemmingsreserves kunnen worden onderverdeeld in de volgende vier categorieën.

Egalisatiereserve

Een egalisatiereserves wordt gevormd om bepaalde baten en lasten over de jaren heen gelijkmatig te verdelen. Grote schommelingen in de exploitatie kunnen daarmee worden vermeden.

Projectenreserve

Een projectenreserve is gekoppeld aan een meerjarig investeringsprogramma. In een projectenreserve kunnen middelen gereserveerd worden voor toekomstige projecten. Op het moment dat een project wordt gerealiseerd worden de gereserveerde middelen overgeheveld naar de kapitaallastenreserve ter dekking van de kapitaallasten.

Kapitaallastenreserve

Een kapitaallastenreserve dient voor de dekking van rente- en afschrijvingslasten gedurende de volledige levensduur van een investering. De reserve wordt gevormd met eigen middelen. Wijzigen van de bestemming van een kapitaallastenreserve is alleen mogelijk als de meerjarenbegroting wordt aangepast.

Stille reserves

Naast de zichtbare reserves zijn er ook zogenoemde stille reserves. Dit betreft bezittingen die niet op de balans zijn opgenomen, of daar tegen een lagere waarde voorkomen dan hun daadwerkelijke waarde in het economisch verkeer. Stille reserves kunnen worden meegenomen bij de bepaling van het weerstandsvermogen, mits zij op korte termijn verhandelbaar zijn. Vanwege de grote inspanning die het kost om deze reserves vast te stellen en de sterke schommelingen in hun waardering, worden zij binnen de BEL-gemeenten niet opgenomen in het overzicht van reserves en maken zij geen onderdeel uit van het weerstandsvermogen.

2.2

Voorziening

Voorzieningen maken deel uit van het vreemd vermogen (verplichtingen) van de gemeente. Zij worden gevormd wanneer sprake is van toekomstige verplichtingen of risico’s waarvan zowel de omvang als het moment van optreden onzeker zijn.

In tegenstelling tot reserves is de beleidsruimte ten aanzien van voorzieningen beperkt. Dit komt doordat voorzieningen op grond van de wettelijke verslaggevingsregels een grotendeels verplichtend karakter hebben, in het BBV is specifiek aangegeven in welke gevallen een voorziening moet worden gevormd:

Artikel 44 BBVVoorzieningen worden gevormd wegens:Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten;Op de balansdatum bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten;Kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren; De bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven als bedoeld in artikel 35, eerste lid, onder b.Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, met uitzondering van de voorschotbedragen, bedoeld in artikel 49, onderdeel b.Voorzieningen worden niet gevormd voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume.

De bestemming van een voorziening kan niet worden gewijzigd en moet zijn gebaseerd op een zo betrouwbaar mogelijke inschatting. Daarnaast moeten ze volledig toereikend zijn voor de verplichtingen en risico’s waarvoor zij zijn gevormd. Een voorziening mag geen negatief saldo hebben. Als zich toch een negatief saldo voordoet, dient dit via de exploitatie van het betreffende verslagjaar te worden aangevuld. Wanneer blijkt dat een voorziening een omvang heeft die hoger is dan noodzakelijk, valt het meerdere bij de jaarrekening vrij ten gunste van de exploitatie. Rentetoevoeging aan een voorziening is niet toegestaan (artikel 45). Risico’s die niet of slechts gedeeltelijk door een voorziening worden afgedekt, worden opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing.

Op basis van artikel 44 van het BBV kunnen voorzieningen als volgt worden ingedeeld:

Lid 1a en b: Het gaat hierbij om verplichtingen, verliezen en risico’s waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, maar redelijk kan worden ingeschat. De voorziening moeten onderbouwd zijn met een berekening van de achterliggende verplichting, verlies of risico.

Naast de voorzieningen aan de passivazijde van de balans, kennen we ook voorzieningen aan de activazijde van de balans. Dit zijn voorzieningen die de waarde van een bezit corrigeren. Binnen de BEL-gemeenten kennen we twee van deze voorzieningen:

  • De voorzieningen dubieuze debiteuren;

  • De voorziening verliesgevende complexen.

Deze twee bijzondere voorzieningen worden wel opgenomen in de staat van voorzieningen maar niet opgenomen aan de passivazijde van de balans. Conform BBV worden zij in mindering gebracht op de betreffende posten, tenzij de waarde van een individueel grondcomplex lager is dan de te treffen verliesvoorziening.

Lid 1c: Deze voorzieningen worden aangeduid als egalisatievoorzieningen. Zij hebben betrekking op verplichtingen die voortkomen uit kosten die onregelmatig in de tijd optreden, zoals de kosten van groot onderhoud.

Een onderhoudsvoorziening kan uitsluitend worden gevormd voor cyclisch (terugkerend) groot onderhoud van kapitaalgoederen, zoals wegen en gebouwen. Het vormen van een voorziening is niet verplicht, de lasten van groot onderhoud mogen ook rechtstreeks en ongelijkmatig ten laste van de exploitatie worden gebracht.

Indien de gemeente ervoor kiest de lasten van groot onderhoud via een onderhoudsvoorziening te egaliseren over meerdere begrotingsjaren, is een recent beheerplan verplicht. Onder recent wordt, door de commissie BBV, verstaan: een beheerplan dat maximaal vijf jaar oud is ten opzichte van het verslagleggingsjaar.

Het vastgestelde onderhoudsniveau wordt toegelicht in de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen van zowel de begroting als de jaarrekening.

Lid 1d: Voorzieningen voor de bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen, waarvoor een heffing wordt geheven. Over het algemeen vallen hier de voorzieningen riool- en afvalstoffenheffing onder. Deze voorzieningen worden gevormd op basis:

  1. Een door de gemeenteraad vastgesteld beheerplan;

  2. Dit beheerplan wordt periodiek, minimaal eens per vijf jaar, geactualiseerd;

Lid 2: Van derden verkregen middelen, die specifiek besteed moeten worden en waarvoor een terugbetalingsverplichting geldt. Dit geldt niet voor van hogere overheden ontvangen voorschotbedragen voor specifieke uitkeringen die dienen ter dekking van lasten van de volgende begrotingsjaren. Deze worden op de balans bij de overlopende activa of passiva verantwoord.

Lid 3: Voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbare volume is het vormen van een voorziening niet toegestaan. Deze kosten dienen opgenomen te worden in de lopende exploitatie.

2.3

Verschillen tussen reserves en voorzieningen

Middelen die in een reserve zijn ondergebracht blijven onderdeel uitmaken van het eigen vermogen, de gemeenteraad heeft hierin beleidsvrijheid. Het BBV richt zich vooral op definities en de wijze van presenteren in de begroting en jaarrekening. Voorzieningen hebben daarentegen een verplicht karakter, vallen onder het vreemd vermogen, de gemeente kan niet vrij over deze middelen beschikken. In de volgende tabel zijn de belangrijkste verschillen samengevat.

KenmerkReserveVoorziening
VermogensvormEigen vermogen Vreemd vermogen
IndelingAlgemene reserves;Bestemmingsreserves.Verplichtingen, verliezen, risico’s;Egalisatie van kosten;Toekomstige vervangingsinvesteringen; Door derden beklemde middelen met een specifieke aanwending.
BevoegdheidGemeenteraad.Verplicht karakter, vloeit voort uit risico’s of wettelijke verplichtingen. Het college is bevoegd te beschikken.
Instellen en opheffenVooraf door de gemeenteraad.Achteraf rapporteren in de P&C-documenten. I.v.m. het verplichtend karakter heeft de gemeenteraad geen keuze (m.u.v. de onderhoudsvoorziening).
ToetsingVerantwoordelijkheid van de gemeenteraad.Door de accountant in het kader van de controle op de jaarrekening.
BestemmingDe gemeenteraad bepaalt de bestemming.De voorziening is gebonden en alleen aanwendbaar voor het betreffende doel.
Wijzigen van bestemmingToegestaan via raadsbesluit.Niet toegestaan.
Financiële onderbouwingNiet verplicht, wel wenselijk.Verplicht.
Onttrekking Mag tot maximaal het begrote bedrag.Door rechtstreeks te onttrekken aan de voorziening (balansmutatie).
StortingenMag tot maximaal het begrote bedrag.Mogelijk op begrotingsbasis. De storting komt ten laste van de exploitatie en is daarmee resultaatbepalend.
RentebijschrijvingIs alleen toegestaan als de raad daartoe besluit.Niet toegestaan.
BBV-artikelen 42, 43 en 5412 lid 1, 44, 45 en 55

3

Beleidskaders

Reserves en voorzieningen vormen belangrijke instrumenten voor het waarborgen van een gezonde financiële positie van de gemeente. Bij een te ruimhartig beleid bestaat het risico dat middelen onnodig worden vastgezet in afzonderlijke reserves, zonder dat er sprake is van een concreet en actueel bestedingsdoel. Om een doelmatige inzet van middelen te bevorderen en te voorkomen dat middelen langdurig worden ‘geparkeerd’ zijn in dit hoofdstuk beleidskaders vastgelegd.

De beleidskaders in deze nota zijn op geharmoniseerde wijze opgesteld voor zowel de drie BEL gemeenten als de BEL Combinatie. Door het uniformeren van uitgangspunten, definities en beleidsregels ontstaat een duidelijk en eenduidig kader voor financiële sturing binnen het samenwerkingsverband. Dit draagt bij aan consistentie in beleid en besluitvorming en versterkt de bestuurlijke en financiële samenhang tussen de BEL gemeenten en de BEL Combinatie. Daarnaast bevordert harmonisatie de doelmatigheid en eenduidigheid in de uitvoering. Medewerkers kunnen werken volgens gezamenlijke uitgangspunten en procedures, wat de uitvoeringslast beperkt en de kans op fouten verkleint. Dit ondersteunt een efficiënte, professionele en consistente werkwijze binnen de gezamenlijke organisatie.

3.1

Kaders m.b.t. reserves

De gemeenteraad heeft beleidsvrijheid ten aanzien van reserves. Er gelden geen wettelijke beperkingen voor het instellen, opheffen of wijzigen van de bestemming van reserves. De regelgeving met betrekking tot reserves in het BBV beperken zich voornamelijk tot definities en de wijze van verantwoorden in de begroting en jaarrekening.

Aantal reserves

Het uitgangspunt bij het omgaan met reserves is het zoveel mogelijk beperken van het aantal en de omvang van (bestemmings)reserves. Een terughoudend reservebeleid draagt bij aan een beter inzicht in de financiële positie van de gemeente. Het realiseren van beleidsdoelen verloopt zoveel mogelijk via de exploitatie, waar ook de integrale afweging plaatsvindt. Een beperkt aantal reserves vergroot bovendien de transparantie en het overzicht in de gemeentelijke financiën.

Structurele lasten dekken uit structurele baten

In het algemeen geldt, dat een gemeente structurele taken uitvoert en daarvoor structurele lasten raamt in de begroting. Structurele lasten zijn dus de regel, incidentele lasten zijn de uitzondering. Onttrekkingen aan reserves wordt aangemerkt als incidentele dekkingsmiddelen. Een uitzondering hierop vormt de reserve dekking kapitaallasten, in dat geval worden afschrijvingslasten structureel uit de reserve gedekt.

Sinds 2024 kunnen gemeenten het surplus in de algemene reserve aanwenden voor het dekken van structurele exploitatielasten. Van dit vrij besteedbare deel (surplus) kan een gemeente jaarlijks maximaal 10% inzetten voor het dekken van structurele lasten. Met de voorwaarde dat de solvabiliteit groter of gelijk aan 20% is en blijft. De inzet van het surplus algemene reserve (= vrije reserve) wordt door dit gebruik als structurele baat bestempeld en is daarmee ook een uitzondering dat reservemutaties incidenteel zijn. Het weerstandsvermogen moet naar het oordeel van de toezichthouder (provincie) voldoende zijn.

Het instellen van een (bestemmings) reserve

De gemeenteraad is als enige bevoegd om te besluiten over een reserve (budgetrecht). Het besluit tot instelling van een reserve kan worden genomen bij verschillende formele momenten binnen de planning- en controlcyclus. Zoals de kadernota, de programmabegroting, een van de tussentijdse rapportages, bij de resultaatbestemming in de jaarrekening of via een afzonderlijk raadsbesluit. Conform artikel 16, lid 3 van de financiële verordening wordt bij het instellen van een reserve in ieder geval de volgende informatie opgenomen:

Artikel 16 financiële verordeningReserves en voorzieningenBij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve wordt in ieder geval aangegeven:het specifieke doel van de reserve; het bestedingsplan van de reserve;de voeding van de reserve;de onttrekking aan de reserve;de eventuele maximale hoogte van de reserve;de eventuele maximale looptijd;het programma waarin de reserve verantwoord dient te worden;Aanvullendbeschikkingsbevoegdheid, gemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.

Beleidsmatig wordt hieraan toegevoegd dat de gemeenteraad bij het instellen van een bestemmingsreserve kan besluiten de beschikkingsbevoegdheid te mandateren aan het college van B&W (3h). In dat geval is voor stortingen en/of onttrekkingen aan deze reserve geen voorafgaand raadsbesluit vereist. Over de feitelijke stortingen en onttrekkingen wordt achteraf verantwoording afgelegd in de jaarrekening.

Opheffen en wijzigen van een (bestemmings) reserve

Het is voor de gemeenteraad mogelijk om een bestemmingsreserve te wijzigen of op te heffen. Bij een wijziging van een bestemmingsreserve zijn dezelfde beleidskaders van toepassing als bij het instellen ervan. Wanneer het doel waarvoor de reserve is gevormd is gerealiseerd of de vastgestelde einddatum is bereikt, wordt de reserve opgeheven. Het besluit tot wijziging of opheffing kan, net als de instelling ervan, worden genomen in samenhang met de kadernota, de programmabegroting, een tussentijdse rapportage, de resultaatbestemming bij de jaarrekening of via een afzonderlijk raadsbesluit. Eventueel vrijvallende middelen worden toegevoegd aan de Algemene reserve.

Reservemutaties

In de programmabegroting stelt de gemeenteraad de jaarlijkse mutaties in de reserves vast. Begrote stortingen en onttrekkingen kunnen gedurende het begrotingsjaar worden aangepast. Elke wijziging van deze begrote mutaties vereist een begrotingswijziging. In de jaarrekening mogen uitsluitend de daadwerkelijke gemaakte kosten aan de reserve worden onttrokken. Wanneer de werkelijke kosten hoger zijn dan de begrote onttrekking, wordt niet meer aan de reserve onttrokken dan het door de gemeenteraad geautoriseerd bedrag, het resterende tekort blijft dan onderdeel van het exploitatieresultaat. Als de werkelijke kosten lager zijn dan de begrote onttrekking, wordt slechts het bedrag van de feitelijk gemaakte kosten onttrokken. Het verschil tussen de begrote en de werkelijke onttrekking blijft beschikbaar in de reserve. Een onttrekking die resulteert in een negatieve stand van een reserve is niet toegestaan.

Rentetoevoeging

Rentetoevoeging aan reserves is toegestaan. De gemeente heeft er echter voor gekozen geen rente aan de reserves toe te voegen. Dit besluit is vastgelegd in artikel 16 lid 1, van de financiële verordening.

Looptijd

Het vaststellen van de looptijd van een reserve draagt bij aan een betere beheersbaarheid. Daarom is het wenselijk om voor een bestemmingsreserve een begrensde looptijd vast te stellen. Indien een bestemmingsreserve gedurende vier opeenvolgende jaren niet wordt aangewend, wordt de reserve na afloop van het vierde jaar automatisch opgeheven, tenzij de raad besluit de reserve langer in stand te houden. Voor de algemene reserve geldt geen beperking qua looptijd. Kapitaallastenreserves worden opgeheven zodra de bijbehorende investering aan het eind van de levensduur volledig is afgeschreven.

Maximale hoogte van de reserve

Bij het instellen van een bestemmingsreserve verdient het de voorkeur een maximale omvang vast te stellen. Indien het saldo van de reserve deze bovengrens op enig moment overschrijdt, wordt het meerdere bij de resultaatbestemming toegevoegd aan de algemene middelen.

Verantwoording

In de jaarrekening wordt in de toelichting op de balans per reserve het verloop gedurende het boekjaar weergegeven. Daarnaast wordt per reserve het doel toegelicht, evenals de in het verslagjaar gerealiseerde toevoegingen en onttrekkingen en de afwijking ten opzichte van de oorspronkelijke raming.

Artikel 54 BBVIn de toelichting op de balans worden de aard en reden van elke reserve en de toevoegingen en onttrekkingen daaraan toegelicht.Per reserve wordt het verloop gedurende het jaar in een overzicht weergegeven. Daaruit blijken:het saldo aan het begin van het begrotingsjaar;de toevoegingen of onttrekkingen uit hoofde van het voorgaande boekjaar;de toevoegingen of onttrekkingen bij het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening;de verminderingen in verband met afschrijvingen op activa waarvoor een specifieke bestemmingsreserve is gevormd; het saldo aan het einde van het begrotingsjaar.

3.2

Kaders m.b.t. voorzieningen

In tegenstelling tot reserves hebben gemeenten geen beleidsvrijheid bij voorzieningen. De vorming en toepassing van voorzieningen is gebonden aan wet- en regelgeving. In het BBV is specifiek aangegeven in welke gevallen een voorziening moet worden gevormd.

Bevoegdheden

Verplichte voorzieningen vallen onder de bevoegdheid van het college. De achterliggende gedachte is dat de vorming of de uitgaven ten laste van de voorziening voortvloeien uit wet- en regelgeving. De gemeenteraad heeft hier geen keuzevrijheid en wordt daarom veelal achteraf bij de verschillende P&C-producten geïnformeerd. Niet-verplichte voorzieningen, met name egalisatievoorzieningen, vallen onder de bevoegdheid van de gemeenteraad. Deze voorzieningen zijn gebaseerd op beleidskeuzes, zoals het gewenste onderhouds- en kwaliteitsniveau, waar de gemeenteraad inhoudelijk over kan beslissen.

Indeling van voorzieningen gemeente Laren

Verplichtingen, verliezen en risico’s (artikel 44, lid 1a en b BBV)

Deze categorie omvat verplichtingen, verliezen en risico’s waarvan de omvang onzeker is, maar redelijk kan worden ingeschat. Hieronder vallen onder andere de wachtgeld- en pensioenvoorzieningen.

Daarnaast kent de gemeente ook voorzieningen aan de activazijde van de balans die dienen ter correctie van de waarde van activa. Binnen de BEL-gemeenten betreft het:

  • De voorzieningen dubieuze debiteuren;

  • De voorziening verliesgevende complexen.

Deze voorzieningen worden opgenomen in de staat van voorzieningen, maar niet aan de passivazijde van de balans, omdat zij in mindering worden gebracht op de betreffende activa. Uitzondering hierop vormt de situatie waarin de waarde van een individueel grondcomplex lager is dan de benodigde verliesvoorziening; het meerdere wordt dan gepresenteerd aan de passivazijde.

Voorziening dubieuze debiteuren

De voorziening dubieuze debiteuren wordt op de balans opgenomen onder de post debiteuren. De omvang van de voorziening wordt jaarlijks bij de jaarrekening bepaald, op basis van een zorgvuldige en onderbouwde inschatting door het college, conform de financiële verordening. De uitgangspunten zijn als volgt:

Voorziening voor oninbare debiteuren (artikel 15)Vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde onder aftrek van een voorziening voor oninbaarheid.Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen.Voor Soza-debiteuren wordt een voorziening getroffen in overeenstemming met de ontvangen verantwoordingsinformatie van de uitvoeringsorganisatie, tenzij de interne beoordeling hiervan afwijkt.Voor belastingdebiteuren wordt een voorziening getroffen in overeenstemming met de ontvangen verantwoordingsinformatie van de uitvoeringsorganisatie, tenzij de interne beoordeling hiervan afwijkt.

Voorziening verliesgevende complexen.

De voorziening is ingesteld ter dekking van verwachte tekorten op grondexploitaties. De dotatie vindt plaats bij iedere actualisatie van de grondexploitaties en in ieder geval bij het opstellen van de jaarrekening. De voorziening wordt op de balans in mindering gebracht op de voorraad bouwgronden in de exploitatie. Voor specifiek deze voorziening geldt dat als de waarde van een grondcomplex lager is dan de te treffen verliesvoorziening deze voorziening voor het resterende deel aan de passivazijde van de balans wordt weergegeven.

Egalisatievoorzieningen (artikel 44, lid 1c BBV):

Egalisatievoorzieningen worden toegepast om ongelijkmatig gespreide kosten, zoals groot onderhoud, gelijkmatig over de jaren te verdelen. Een onderhoudsvoorziening mag uitsluitend worden gevormd voor cyclisch onderhoud van kapitaalgoederen, zoals wegen en gebouwen. Het vormen van een voorziening is niet verplicht, onderhoudslasten mogen ook ongelijkmatig ten laste van de exploitatie worden gebracht. Het vormen van een onderhoudsvoorziening is toegestaan als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • Er is een door de gemeenteraad vastgesteld beheerplan;

  • Dit beheerplan wordt minimaal eens in de vijf jaar geactualiseerd.

Per categorie kapitaalgoederen dient een beheerplan te worden opgesteld. Er kan worden gekozen voor een beheerplan per (sub)categorie, maar dit is niet verplicht. Dit betekent dat bijvoorbeeld alle gemeentelijke gebouwen kunnen worden opgenomen in één beheerplan en dat hiervoor één onderhoudsvoorziening kan worden gevormd.

Onderhoudsvoorzieningen van verschillende (sub)categorieën kapitaalgoederen mogen niet worden samengevoegd. Zo mogen voorzieningen voor groot onderhoud aan wegen en gebouwen niet worden gecombineerd in één voorziening. Op grond van artikel 12, lid 1 van het BBV moeten minimaal de volgende categorieën kapitaalgoederen worden onderscheiden:

  1. Wegen;

  2. Riolering;

  3. Water;

  4. Groen;

  5. Gebouwen.

De omvang van de onderhoudsvoorziening moet, rekening houdend met de jaarlijkse mutaties, te allen tijde toereikend zijn om het geplande toekomstige groot onderhoud volledig te kunnen bekostigen. De jaarlijkse dotatie aan de voorziening is gebaseerd op het meerjarige beheerplan en omvat ten minste de geraamde onderhoudslasten voor het begrotingsjaar (t) en de drie daaropvolgende jaren (t+1 tot en met t+3).

Heffing gerelateerde voorzieningen (artikel 44, lid 1d BBV):

Voorzieningen voor vervangingsinvesteringen waarvoor een heffing wordt geïnd (zoals riool en afvalstoffenheffing) worden gevormd:

  • op basis van een door de gemeenteraad vastgesteld beheerplan;

  • dat minimaal eens per vijf jaar wordt geactualiseerd;

Indien de kosten in het beheerplan niet of nauwelijks fluctueren, is het vormen van een voorziening niet wenselijk.

Van derden verkregen middelen (artikel 44, lid 2 BBV)

Het gaat hier om inkomsten (beklemde middelen) die zijn verkregen met een specifieke bestedingsverplichting en uitsluitend mogen worden ingezet voor de bijbehorende dienstverlening. Middelen die binnen een begrotingsjaar niet volledig zijn besteed, kunnen worden toegevoegd aan een voorziening. Op deze middelen rust een mogelijke terugbetalingsverplichting in geval van onderbesteding of wanneer zij niet volgens het bestedingsdoel worden ingezet. Dit regime is niet van toepassing op voorschotten van hogere overheden voor specifieke uitkeringen die bedoeld zijn ter dekking van lasten in toekomstige begrotingsjaren. Deze voorschotbedragen worden verantwoord op de balans onder de overlopende activa of passiva.

Jaarlijks terugkerende arbeidskosten (artikel 44, lid 3 BBV):

Voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbare volume mag geen voorziening worden gevormd. Deze lasten worden rechtstreeks in de exploitatie verantwoord.

Vorming en beheer van een voorziening

Voorzieningen moeten worden gevormd indien zij noodzakelijk zijn, ongeacht een voorafgaand raadsbesluit. Voorzieningen ter egalisatie van lasten voor groot onderhoud worden uitsluitend ingesteld bij raadsbesluit, omdat hieraan beleidsmatige keuzes ten grondslag liggen. Bij het vormen en beheren van voorzieningen gelden de volgende uitgangspunten:

  • De voorziening is toereikend (naar beste schatting) en sluit aan bij de onderliggende verplichting of risico

  • De voorziening is niet groter of kleiner dan noodzakelijk;

  • Er is een actueel en financieel onderbouwd beheerplan;

  • Een schatting van de onderliggende verplichting of risico moet betrouwbaar zijn, dit hangt samen met de eisen die aan de getrouwheid van een jaarrekening worden gesteld;

  • Beleidsmatige overwegingen mogen geen reden zijn om een noodzakelijke voorziening niet te vormen;

  • Onzekere risico’s zonder betrouwbare schattingen kan geen voorziening voor worden getroffen maar worden opgenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing;

  • Voorzieningen worden gevormd ten laste van het betreffende taakveld/product in de exploitatiebegroting.

  • Daar waar mogelijk zijn de voorzieningen per (sub)categorieën kapitaalgoederen samengevoegd;

  • Stortingen vormen een last in de exploitatie en maken deel uit van het resultaat vóór bestemming (resultaatbepaling).

  • Vorming van voorzieningen telt mee in het resultaat vóór bestemming (resultaatbepaling). De bestedingen lopen rechtstreeks via de voorziening. Dit in tegenstelling tot reserves (resultaatbestemming).

Van iedere voorziening wordt bij de vorming ten miste vastgelegd:

  1. De naamstelling van de voorziening;

  2. Het beleidsdoel waarvoor de voorziening wordt gevormd;

  3. Het stortings- en bestedingsplan;

  4. De noodzakelijke omvang inclusief onderbouwing;

  5. Het programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden;

  6. De beschikkingsbevoegdheid.

Wijzigen en opheffen van een voorziening

Het doel van een voorziening kan niet worden gewijzigd. Wanneer de achterliggende verplichting of risico vervalt, wordt de voorziening opgeheven en vallen de middelen vrij ten gunste van de exploitatie. Hiervoor is geen raadsbesluit nodig, tenzij de voorziening is gevormd om een gelijkmatige verdeling van lasten over de begrotingsjaren te bewerkstelligen (egalisatie), in dat geval is een raadsbesluit vereist.

Stortingen en onttrekkingen

  • Stortingen en onttrekkingen zijn gebaseerd op de noodzakelijke omvang volgens het beheerplan;

  • Rentetoevoeging (artikel 45) en oneigenlijke onttrekkingen zijn niet toegestaan;

  • Stortingen in een voorziening vormen een last voor de exploitatie;

  • Onderhoudslasten komen rechtstreeks ten laste van de voorziening;

  • Een onttrekking die resulteert in een negatieve stand van een voorziening is niet toegestaan.

Verantwoording

De voorzieningen worden verantwoord in de jaarrekening. Conform BBV dient in de toelichting op de balans inzicht te worden gegeven in de aard en reden van de voorziening, evenals in de mutaties, waaronder de toevoegingen en onttrekkingen.

Artikel 55 BBVIn de toelichting op de balans worden de aard en reden van de voorzieningen, bedoeld in artikel 44 en de wijzigingen daarin toegelicht.Per voorziening wordt het verloop gedurende het jaar in een overzicht weergegeven. Daaruit blijken:het saldo aan het begin van het begrotingsjaar;de toevoegingen;ten gunste van de rekening van baten en lasten vrijgevallen bedragen;de aanwendingen;saldo aan het einde van het begrotingsjaar.

3.3

Verantwoording reserves en voorzieningen in de P&C cyclus

De reserves en voorzieningen vormen een integraal onderdeel van de jaarlijkse planning- en control cyclus (hierna P&C). In de P&C-documenten wordt het vastgestelde beleidskader toegepast en worden de reserves en voorzieningen periodiek en kritisch beoordelend op nut, noodzaak en toereikendheid. Binnen de P&C-cyclus zijn hiervoor vaste evaluatiemomenten opgenomen, te weten:

  • De programmabegroting;

  • De tussentijdse rapportages;

  • Jaarrekening.

Programmabegroting

Bij het opstellen van de (meerjaren)programmabegroting worden de reserves en voorzieningen integraal beoordeeld en worden de meerjarige uitgaven en inkomsten geactualiseerd. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de noodzaak van het aanhouden van reserves en voorzieningen, de omvang ervan en de meerjarige ontwikkelingen. Conform het BBV (artikel 54 en 55) wordt in de programmabegroting een meerjarig overzicht van reserves en voorzieningen opgenomen, inclusief een toelichting op het verloop.

Met het vaststellen van de programmabegroting accordeert de gemeenteraad de voorgenomen stortingen en onttrekkingen in de reserves en voorzieningen. Indien wordt voorgesteld een nieuwe reserve of voorziening in te stellen, wordt bij het raadsvoorstel een afzonderlijk overzicht opgenomen met de vereiste informatie, zoals opgenomen in bijlage 3 en 4. Via een afzonderlijk beslispunt wordt de gemeenteraad gevraagd een besluit te nemen over de instelling van de nieuwe reserve of voorziening. Het opheffen van een reserve of voorziening vindt eveneens plaats via een apart beslispunt in het raadsvoorstel.

Tussentijdse rapportages

Tussentijdse wijzigingen in reserves en voorzieningen worden gerapporteerd en verwerkt in de Zomernota en/of Slotwijziging. Na vaststelling door de gemeenteraad wordt de begroting hierop aangepast.

Jaarrekening

In de jaarrekening wordt in de toelichting op de balans per reserve en per voorziening het verloop gedurende het jaar weergegeven. Daarnaast worden per reserve en voorziening het doel, de in het verslagjaar gerealiseerde toevoegingen en onttrekkingen, alsmede de afwijking tussen de realisatie en oorspronkelijke raming toegelicht.

Net als bij de programmabegroting vindt bij de vaststelling van de jaarrekening de formele vaststelling plaats van de in de jaarrekening gerealiseerde stortingen in en onttrekkingen aan de reserves en voorzieningen. Indien in de jaarrekening wordt voorgesteld een nieuwe reserve of voorziening in te stellen, wordt bij het bijbehorende raadsvoorstel een afzonderlijk overzicht opgenomen met de vereiste informatie, zoals opgenomen in bijlage 3 en 4. De gemeenteraad wordt via een afzonderlijk beslispunt gevraagd hierover een formeel besluit te nemen. Het opheffen van een bestaande reserve of voorziening geschiedt eveneens via een apart beslispunt in het raadsvoorstel bij de jaarrekening.

Weerstandsvermogen

Alleen de algemene reserve telt mee bij de berekening van de weerstandscapaciteit. Bestemmingsreserves blijven buiten beschouwing vanwege hun specifieke doel. Het weerstandsvermogen wordt toegelicht in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van de begroting en jaarrekening en wordt bepaald door de beschikbare capaciteit af te zetten tegen de risico’s. De benodigde weerstandscapaciteit is maatwerk en vastgelegd in de nota risicomanagement en weerstandsvermogen BEL-gemeenten.

4

Actualisatie reserves en voorzieningen

De financiële verordening is in 2025 geactualiseerd. In dat kader is artikel 16 uitgebreid en zijn aanvullende eisen gesteld aan reserves en voorzieningen.

Om aan deze aanvullende eisen te voldoen, zijn alle reserves en voorzieningen opnieuw beoordeeld. De informatie die op grond van artikel 16 verplicht is maar nog ontbrak, is alsnog toegevoegd. Ook is beoordeeld of de benaming van iedere reserve en voorziening nog in lijn is met het bijbehorende beleidsdoel. Waar dit mogelijk en wenselijk is zijn voorzieningen geclusterd in subcategorieën. De uitkomsten van deze beoordeling en de aanvullende informatie zijn opgenomen in dit hoofdstuk. De opgenomen saldi zijn gebaseerd op de verwachte stand per jaarrekening 2025.

In bijlage 1 en 2 is een was-wordt-overzicht opgenomen van de reserves en voorzieningen die in het kader van deze actualisatie zijn geclusterd en/ of een nieuwe naam hebben gekregen om hiermee meer aan te sluiten bij het betreffende beleidsveld.

4.1

Vrijval reserves

Bij de behandeling van de Programmabegroting 2026 (november 2025) heeft de raad besloten onderstaande reserves op te heffen.

  • Reserve gemeentelijke gebouwen;

  • Reserve verzoeken diverse scholen;

  • Reserve versnelde aanpak asfaltwegen;

  • Reserve voormalig personeel;

  • Reserve uitbesteding Larense kunst;

  • Res. comp. inkomenstenderv. Precario;

  • Reserve Maatschappelijk Steunfonds Covid-19.

Aangezien de gemeenteraad reeds heeft besloten deze reserves per 2026 op te heffen, maken deze geen onderdeel meer uit van deze nota.

In dezelfde raadsvergadering waarin de programmabegroting 2026 is vastgesteld, heeft de gemeenteraad het college verzocht om bij de jaarrekening 2025 het nut en de noodzaak van alle reserves opnieuw te beoordelen en, indien van toepassing, voorstellen tot opheffing te doen. Dit verzoek is betrokken bij de actualisatie van deze nota.

Aanvullende vrijval 2026

Conform het nieuwe beleid worden bestemmingsreserves die gedurende vier opeenvolgende jaren niet zijn aangewend, opgeheven. Dit leidt tot een aanvullende vrijval van de volgende reserves:

  • Reserve Sociaal Domein: € 154.771,-;

  • Reserve exploitatie WSI: € 29.504,-;

  • Reserve preventief voorveld: € 81.551,-;

  • Reserve Brinkplan Laren: € 395.966,-;

  • Reserve Centrumplan Laren: € 74.279,-;

Totaal € 736.071,-.

Reserve Sociale huurwoningen (€ 48.378,-)

De gemeenteraad heeft bij besluit van 17 december 2025 het Sociaal Vereveningsfonds Laren ingesteld. Dit fonds is specifiek bedoeld om meer sociale huur- en betaalbare woningbouw in Laren te kunnen realiseren om de ambities uit de Woonvisie Laren te bereiken. Hiermee kan de reserve sociale huurwoningen worden opgeheven en het saldo (€ 48.378,-) worden toegevoegd aan de reserve Sociaal vereveningsfonds Laren.

Reserve misgelopen prod. BEL-Combinatie (€ 266.960,-)

In 2025 zijn de drie colleges van de BEL gemeenten gezamenlijk overeengekomen deze reserve over te dragen aan de BEL Combinatie. Deze overheveling creëert ruimte om achterstallige werkzaamheden in te halen, onder meer door de extra inzet ten behoeve van de opvang van Oekraïense ontheemden, en om te investeren in de versterking van de organisatie waar dit noodzakelijk is voor de borging van kwaliteit en continuïteit. De overdracht van middelen aan de BEL Combinatie is verwerkt in de jaarrekening 2025; de opheffing van de reserve zal eveneens in de jaarrekening 2025 worden verwerkt.

De overige reserves blijven gehandhaafd en worden nader toegelicht in de volgende paragraaf.

4.2

Actualisatie reserves

Algemene reserve

Programma: 6. De algemene inkomsten en uitgaven van Laren.

Algemene reserve
OmschrijvingDe algemene reserve bestaat uit het vrij besteedbare eigen vermogen van de gemeente en kan worden ingezet voor nader te bepalen doelen. De algemene reserve maakt uit van het weerstandvermogen.
Administratie-nr.9300000
Saldo€ 9.485.866,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Bufferfunctie voor de dekking van onvoorziene uitgaven, het beschikbaar hebben van een noodzakelijk geachte weerstandscapaciteit en het vervullen van de financieringsfunctie.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;Exploitatietekorten en -overschotten worden respectievelijk onttrokken aan of toegevoegd aan de algemene reserve.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?Voordelige exploitatieresultaten;Vrijvallende bestemmingsreserves.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Werkelijke kosten
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t.
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?N.v.t.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden?De algemene inkomsten en uitgaven van Laren
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. Gemeenteraad

Bestemmingsreserves

Programma: 2. Buitenruimte onderhouden in Laren

Onderhoud wegen i.v.m. aanleg glasvezel
OmschrijvingIn 2022 is deze reserve gevormd door de storting van ontvangen incidentele baten in verband met de aanleg van glasvezel verminderd met de bijbehorende incidentele lasten.
Administratie-nr.9304100
Saldo€ 191.397,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Dekking degeneratiekosten.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;Jaarlijks wordt een vast bedrag onttrokken ter dekking van de degeneratiekosten als gevolg van de aanleg van glasvezel.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?Uit externe inkomsten glasvezel.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Op basis van begrote kosten.
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t.
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?N.v.t.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden? Buitenruimte onderhouden in Laren.
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. Gemeenteraad.

Programma: 3. Duurzaam en prettig wonen in Laren.

Klimaat- en duurzaamheidsbeleid
OmschrijvingDe gemeente heeft een transitievisie warmte vastgesteld. Door nieuwe regelgeving (wijziging Omgevingswet) moet de transitievisie omgezet worden in een warmteprogramma. Dit moet gerealiseerd zijn voor 1 januari 2028. In dit warmteprogramma is beschreven hoe de gemeente de gebouwde omgeving isoleert en aardgasvrij maakt.
Administratie-nr.93038000
Saldo€ 232.493,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Deze reserve is bedoeld om de ambities op klimaat en duurzaamheid zoveel als mogelijk te verwezenlijken.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;De onttrekkingen komen voort uit (beleids)plannen m.b.t. klimaat en duurzaamheid.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?Incidentele storting.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Werkelijke kosten.
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t.
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?N.v.t.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden?Duurzaam en prettig wonen in Laren.
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. Gemeenteraad.
Afkoopsommen GNR
OmschrijvingAls gevolg van de uittreding van provincie Noord-Holland en de gemeente Amsterdam ligt de exploitatiebijdrage nu volledig voor rekening van de Gooise participanten. In de bestuursvergadering van december 2023 is de vernieuwde samenwerkingsovereenkomst tussen de vijf Gooise participanten vastgesteld en getekend. Met de voormalige participanten Provincie Noord-Holland en Gemeente Amsterdam zijn uittreedsommen van € 16 miljoen en ruim € 5,2 miljoen afgesproken. Deze uittreedsommen zijn gestort aan de Gooise participanten zodat er een reserve ingesteld kan worden die de hogere exploitatiebijdrage als gevolg van uittreding van de voormalige participanten kan dekken.
Administratie-nr.9304400
Saldo€ 835.870,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;De reserve is ingesteld ter dekking van de hogere exploitatiebijdrage als gevolg van uittreding van de voormalige participanten.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;Er is sprake van een ingroeimodel waarbij de reguliere bijdrage aan het GNR jaarlijks stelselmatig zal worden verhoogd, de overige benodigde bijdrage komt uit de reserve. Hiervoor is een schema opgesteld. Op den duur zal de weggevallen bijdrage geheel worden gedekt door de overgebleven participanten.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?Met de voormalige participanten Provincie Noord-Holland en Gemeente Amsterdam zijn uittreedsommen van € 16 miljoen en ruim € 5,2 miljoen afgesproken. Deze uittreedsommen zijn gestort aan de Gooise participanten die in de reserve zijn gestort.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Werkelijke kosten
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?n.v.t.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden?Duurzaam en prettig wonen in Laren.
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. Gemeenteraad.
Sociaal vereveningsfonds Laren
OmschrijvingDe gemeenteraad heeft op 17 december 2025 het Sociaal Vereveningsfonds Volkshuisvesting ingesteld.
Administratie-nr.9304600
Saldo€ 48.378,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Het fonds is bedoeld om ervoor te zorgen dat er meer sociale huur- en betaalbare woningen in Laren worden gebouwd, ook als dat niet in elk afzonderlijk bouwproject lukt.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;Onttrekkingen uit deze reserve zijn bedoeld om extra sociale huurwoningen in Laren te financieren/realiseren. Er wordt alleen subsidie verstrekt voor sociale huurwoningen die worden geëxploiteerd door een toegelaten instelling (corporatie). De subsidie is bedoeld om financieel tekort bij realisatie van sociale woningbouw te dekken.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?Via financiële afdrachten/stortingen van ontwikkelaars en/of initiatiefnemers die in hun bouwplannen niet voldoen aan de norm voor nieuwbouw uit de Woonvisie Laren.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Werkelijke kosten.
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t.
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?10 jaar. Indien binnen deze termijn geen projecten met de middelen kunnen worden gerealiseerd, dienen de afdrachten te worden terugbetaald.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden?Duurzaam en prettig wonen in Laren.
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. College van B&W

Programma: 4. Sporten, ontwikkelen en leren in Laren.

Sport en accommodaties
OmschrijvingBij de jaarrekening 2017 is een resultaat bestemd ad. €300.000 voor de nieuw in te stellen reserve sport en accommodaties.
Administratie-nr.9303400
Saldo€ 60.646,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Op basis van de regeling investeringssubsidies sportaccommodaties dekking voor subsidies aan verenigingen en stichtingen ten behoeve van sportinvesteringen.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;Op basis van door het college geaccordeerde investeringsverzoeken onttrekking ter hoogte van het verleende subsidie.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?Incidentele storting.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Op basis van werkelijke kosten
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t.
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?N.v.t.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden?Sporten, ontwikkelen en leren in Laren.
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. Gemeenteraad

Programma: 5. Meedoen in Laren.

Asiel en opvang
OmschrijvingVanaf 2026 wordt de reserve “Risico Oekraïne” omgedoopt tot “Asiel en opvang” om de bredere en structurele opvangtaken te dekken. De reserve krijgt een ruimere bestemming voor financiële risico’s binnen de hele opvangketen, terwijl het karakter als bestemmingsreserve ongewijzigd blijft.
Administratie-nr.9304300
Saldo€ 1.142.480,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Deze reserve maakt het mogelijk om financiële schommelingen en risico’s rond opvang- en huisvestingsopgaven integraal op te vangen binnen één specifieke reserve.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;De onttrekkingen komen voort uit (beleids)plannen m.b.t de projectorganisatie asiel en opvang.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?Positief exploitatieresultaten asieldossier.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Werkelijke kosten.
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t.
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?N.v.t.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden?Meedoen in Laren.
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. Gemeenteraad.

Programma: 6. De algemene inkomsten en uitgaven van Laren.

Sterke samenleving
OmschrijvingMet de komst van een nieuwe gemeenteraad ontstaat ruimte voor nieuwe prioriteiten, initiatieven en beleidsaccenten die inspelen op actuele maatschappelijke ontwikkelingen en behoeften van inwoners. Om deze dynamiek te faciliteren en tegelijkertijd financieel beheerst te handelen, is deze reserve gevormd.
Administratie-nr.9304700
Saldo€ 736.071,-
a. doelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Met de vorming van de reserve beschikt de gemeenteraad over een flexibel en doelgericht instrument om nieuwe (maatschappelijke) initiatieven financieel mogelijk te maken. Het betreft projecten en maatregelen die niet structureel van aard zijn, maar wel een belangrijke impuls kunnen geven aan sociale cohesie, participatie, welzijn en leefbaarheid binnen de gemeente.
b. bestedingsplanHet bestedingsplan van de reserve;De onttrekkingen komen voort uit (beleids)plannen van de gemeenteraad.
c. voedingHoe wordt de reserve gevoed?De reserve wordt eenmalig gevoed.
d. onttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?Werkelijke kosten.
e. maximale hoogteHet maximumbedrag dat eventueel in de reserve mag worden gestort?N.v.t.
f. looptijdDe eventuele maximale looptijd?Zodra de middelen zijn uitgeput of de doelen zijn bereikt, kan de reserve worden opgeheven.
g. programmaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden?De algemene inkomsten en uitgaven van Laren.
h. beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken. Gemeenteraad

4.3

Actualisatie voorzieningen

Verplichtingen, verliezen en risico’s (artikel 44, lid 1a en B)

Pensioenen (voormalig) bestuurders
OmschrijvingDeze voorziening is gevormd om te voorzien in de pensioenaanspraken die (voormalig) bestuurders, of hun nabestaanden, hebben op de gemeente en het gemeente en het separeren van de voor dat doel overgedragen middelen. Wanneer deze voorziening niet wordt gevormd, wordt de exploitatie geconfronteerd met forse lasten, vanaf het moment dat een aanspraak wordt geëffectueerd. Jaarlijks vindt een actualisatie plaats van de totale pensioenverplichtingen.
Administratie-nr.93200000
Saldo€ 1.434.928,-
a. doelHet doel van de voorziening, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Dekking van pensioenverplichtingen en overlijdensrisico van (voormalige) bestuurders.
b. storting- en bestedingsplanWaaruit bestaan de mutaties?De mutatie van de voorziening wordt bepaald door de hoogte van onze verplichting per 31 december. De pensioenverplichting wordt vastgesteld op basis van een actuariële berekening.
c. noodzakelijk omvangHoe wordt de noodzakelijk omvang bepaald?Het saldo van de voorziening wordt bepaald door de hoogte van onze verplichting per 31 december. De pensioenverplichtingen worden na de actuariële berekening in de jaarrekening verwerkt.
d. programmaHet programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden?Besturen en diensten verlenen in veilig Laren.
e. beschikkings-bevoegdheidCollege van B&W is het uitgangspunt tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.College van B&W, de gemeenteraad wordt achteraf bij de verschillende P&C-producten geïnformeerd.
Wachtgelden voormalig bestuurders
OmschrijvingWanneer bestuurders om welke reden dan ook hun ambt neerleggen, hebben zij recht op een ontslaguitkering (vaak ‘wachtgeld’ genoemd). Dit is geregeld in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (APPA).
Administratie-nr.93209000
Saldo€ 1,-
a. doelHet doel van de voorziening, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Deze voorziening dekt de verwachte kosten van ingegane wachtgelden van voormalig bestuurders.
b. storting- en bestedingsplanWaaruit bestaan de mutaties?In principe ontvangt de bestuurder het wachtgeld gedurende de duur van de bestuursperiode, met een maximum van 3 jaar en 2 maanden. Hierop bestaan echter uitzonderingen: de uitkering kan korter zijn bij een kortere zittingsperiode, of juist langer wanneer de bestuurder de pensioengerechtigde leeftijd nadert.
c. noodzakelijk omvangHoe wordt de noodzakelijk omvang bepaald?De omvang en toereikendheid van de voorziening wordt per bestuurder individueel vastgesteld, op basis van een beoordeling waarbij rekening wordt gehouden met factoren zoals opleiding, leeftijd en arbeidsmarktperspectief.
d. programmaHet programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden?Besturen en diensten verlenen in veilig Laren.
e. beschikkings-bevoegdheidCollege van B&W is het uitgangspunt tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.College van B&W, de gemeenteraad wordt achteraf bij de verschillende P&C-producten geïnformeerd.

Egalisatievoorzieningen ( artikel 44, lid 1c)

Onderhoud gemeentelijk vastgoed
OmschrijvingDeze voorziening wordt ingezet als egalisatievoorziening om de kosten voor het onderhoud gelijkmatig te spreiden op basis van tienjarig-jaarlijks voortschrijdend gemiddelde. De dotatie aan de voorziening is gebaseerd op berekeningen van de geactualiseerde MJOP’s.
Administratie-nr.Moet nog aangemaakt worden in KEY2 financiën
Saldo€1.000.445,-
a. doelHet doel van de voorziening, zo specifiek mogelijk geformuleerd;Het egaliseren van kosten groot onderhoud aan gemeentelijk vastgoed.
b. storting- en bestedingsplanWaaruit bestaan de mutaties?De dotaties en onttrekkingen aan de voorziening is gebaseerd op het MJOP gemeentelijke gebouwen.
c. noodzakelijk omvangHoe wordt de noodzakelijk omvang bepaald?De noodzakelijke omvang wordt bepaald op basis van geactualiseerde meerjaren onderhoudsplannen (MJOP).
d. programmaHet programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden?Diverse programma’s.
e. beschikkings-bevoegdheidCollege B&W is het uitgangspunt tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.College van B&W, op basis van het door de gemeenteraad vastgesteld beheerplan.

Heffing gerelateerde voorzieningen (artikel 44, Lid 1d)

Afvalstoffenheffing
OmschrijvingHet college streeft naar een kostendekkend tarief voor de afvalstoffenheffing. Wanneer de heffing niet kostendekkend is, wordt het tekort verrekend met de voorziening. Mocht bij realisatie blijken dat de baten hoger zijn dan de kosten, dan wordt het overschot toegevoegd aan deze voorziening.
Administratie-nr.93208000
Saldo€ 385.951,-
a. doelHet doel van de voorziening, zo specifiek mogelijk geformuleerd;De voorziening dient om onvoorziene schommelingen in de kosten- en batenopbouw van het product "ophalen en afvoeren van afvalstoffen" en de hierbij geheven "afval stoffenheffing" op te vangen en zo de gewenste 100% kostendekking te waarborgen.
b. storting- en bestedingsplanWaaruit bestaan de mutaties?Overschotten of tekorten binnen dit product worden verrekend met de voorziening.
c. noodzakelijk omvangHoe wordt de noodzakelijk omvang bepaald?Wanneer de heffing niet kostendekkend is, wordt het tekort verrekend met de voorziening. Mocht bij realisatie blijken dat de baten hoger zijn dan de kosten, dan wordt het overschot toegevoegd aan deze voorziening.
d. programmaHet programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden?Duurzaam en prettig wonen in Laren.
e. beschikkings-bevoegdheidCollege van B&W is het uitgangspunt tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.College van B&W, de gemeenteraad wordt achteraf bij de verschillende P&C-producten geïnformeerd.
Rioolheffing
OmschrijvingHet college streeft naar een kostendekkend tarief voor de riolering. Dit betekent dat overschotten binnen de riolering worden toegevoegd aan de voorziening en eventuele tekorten uit de voorziening worden onttrokken.
Administratie-nr.93202000
Saldo€ 876.294,-
a. doelHet doel van de voorziening, zo specifiek mogelijk geformuleerd;De voorziening dient om onvoorziene schommelingen in de kosten- en batenopbouw van het product "riolering" en de hierbij geheven ‘rioolheffing’ op te vangen en zo de gewenste 100% kostendekking te waarborgen.
b. storting- en bestedingsplanWaaruit bestaan de mutaties?Overschotten of tekorten binnen dit product worden verrekend met de voorziening.
c. noodzakelijk omvangHoe wordt de noodzakelijk omvang bepaald?Wanneer de heffing niet kostendekkend is, wordt het tekort verrekend met de voorziening. Mocht bij realisatie blijken dat de baten hoger zijn dan de kosten, dan wordt het overschot toegevoegd aan deze voorziening.
d. programmaHet programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden?Buitenruimte onderhouden in Laren.
e. beschikkings-bevoegdheidCollege van B&W is het uitgangspunt tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.College van B&W, de gemeenteraad wordt achteraf bij de verschillende P&C-producten geïnformeerd.

Van derden verkregen middelen (artikel 44, Lid 2)

Grafrechten
OmschrijvingHet is nabestaanden toegestaan om grafrechten en het onderhoud van graven voor meerdere jaren af te kopen, het bedrag dat afkomstig is van de afkopers wordt toegevoegd aan de voorziening.
Administratie-nr.93207000
Saldo€ 960.326,-
a. doelHet doel van de voorziening, zo specifiek mogelijk geformuleerd;De voorziening dient om onvoorziene schommelingen in de kosten- en batenopbouw van het grafonderhoud op te vangen.
b. storting- en bestedingsplanWaaruit bestaan de mutaties?Op grond van het BBV dient een deel van de ontvangen afkoopsommen in een voorziening te worden gestopt ter dekking van de kosten in latere jaren. Het volledig laten vrijvallen van de voorziening afkoop onderhoud graven is derhalve niet meer toegestaan.
c. noodzakelijk omvangHoe wordt de noodzakelijk omvang bepaald?Het bedrag dat afkomstig is van de afkopers wordt toegevoegd aan de voorziening.
d. programmaHet programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden?duurzaam en prettig wonen in Laren.
e. beschikkings-bevoegdheidCollege van B&W is het uitgangspunt tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.College van B&W, de gemeenteraad wordt achteraf bij de verschillende P&C-producten geïnformeerd.

Vastgesteld door de gemeenteraad d.d. 08-07-2026

1

Was-wordt lijst reserves

Nr.WasWordtToelichting
1Reserve Sociaal domein – Reserve exploitatie WSI - Reserve preventief voorveld - Reserve Brinkplan Laren - Reserve Centrumplan LarenDeze 5 reserves worden met ingang 2026 opgehevenConform het nieuwe beleid worden bestemmingsreserves die gedurende vier opeenvolgende jaren niet zijn aangewend, opgeheven. Dit leidt tot een vrijval van € 700.071,-. Deze middelen worden toegevoegd aan de nieuw gevormde reserve ‘Sterke samenleving’.
2Reserve gemeentelijke gebouwen Wordt opgehevenReeds besloten bij de vaststelling Programmabegroting 2026
3Reserve verzoeken diverse scholen Wordt opgehevenReeds besloten bij de vaststelling Programmabegroting 2026
4Reserve versnelde aanpak asfaltwegen Wordt opgehevenReeds besloten bij de vaststelling Programmabegroting 2026
5Reserve voormalig personeel Wordt opgehevenReeds besloten bij de vaststelling Programmabegroting 2026
6Reserve uitbesteding Larense kunst Wordt opgehevenReeds besloten bij de vaststelling Programmabegroting 2026
7Reserve sport en accommodaties Sport en accommodaties Tekstuele aanpassing
8Reserve Sociale huurwoningen Wordt opgehevenDe gemeenteraad heeft bij besluit van 17 december 2025 het Sociaal Vereveningsfonds Laren ingesteld. Dit fonds is specifiek bedoeld om meer sociale huur- en betaalbare woningbouw in Laren te kunnen realiseren om de ambities uit de Woonvisie Laren te bereiken. Hiermee kan de reserve sociale huurwoningen worden opgeheven en het saldo (€ 48.378,-) worden toegevoegd aan de reserve Sociaal vereveningsfonds Laren.
9Sociaal vereveningsfonds LarenGeen aanpassing nodig
10Reserve Klimaat- en duurzaamheidsbeleid Klimaat- en duurzaamheidsbeleid Tekstuele aanpassing
11Res. comp. inkomenstenderv. precario Wordt opgehevenReeds besloten bij de vaststelling Programmabegroting 2026
12Reserve Maatschappelijk Steunfonds Covid-19 Wordt opgehevenReeds besloten bij de vaststelling Programmabegroting 2026
13Reserve onderhoud wegen ivm glasvezel Onderhoud wegen i.v.m. aanleg glasvezel Tekstuele aanpassing
14OEK gemiste productie BEL Wordt opgehevenIn 2025 zijn de drie colleges van de BELgemeenten gezamenlijk overeengekomen deze reserve over te dragen aan de BEL Combinatie. Deze overheveling creëert ruimte om achterstallige werkzaamheden in te halen, onder meer door de extra inzet ten behoeve van de opvang van Oekraïense ontheemden, en om te investeren in de versterking van de organisatie waar dit noodzakelijk is voor de borging van kwaliteit en continuïteit. De overdracht van middelen aan de BEL Combinatie is verwerkt in de jaarrekening 2025; de opheffing van de reserve zal eveneens in de jaarrekening 2025 worden verwerkt.
15Reserve risico Oekraïne Asiel en opvangVanaf 2026 wordt de reserve “Risico Oekraïne” omgedoopt tot “Asiel en opvang” om de bredere en structurele opvangtaken te dekken. De reserve krijgt een ruimere bestemming voor financiële risico’s binnen de hele opvangketen, terwijl het karakter als bestemmingsreserve ongewijzigd blijft.
16Afkoopsommen GNR Geen aanpassing nodig

2

Was-wordt lijst voorzieningen

Nr.WasWordtToelichting
Toekomstige verplichtingen
1Voorziening pensioenen voormalig bestuurders Pensioenen (voormalig) bestuurders Tekstuele aanpassing
2Voorziening wachtgeld voormalig wethouders Wachtgelden voormalig bestuurders Tekstuele aanpassing
Egalisatievoorzieningen
4Eemnesserweg 19 Gemeentehuis Onderhoud gemeentelijk vastgoedIn het kader van de vereenvoudiging van de administratie worden egalisatievoorzieningen niet langer per afzonderlijk pand ingericht, maar per subcategorie. Voor het egaliseren van de lasten van groot onderhoud aan gemeentelijke gebouwen wordt er een onderhoudsvoorziening gemeentelijke gebouwen gevormd. De dotatie aan deze voorziening is gebaseerd op de berekeningen uit de geactualiseerde meerjarenonderhoudsplannen (MJOP’s).
5Stationsweg 3 Ambtswoning
6Groene Gerritsenweg Brandweergarage
7Mendes da Costalaan 28 Kinderdagverblijf
8Van Nispen Seven 27 Schaap Hollander
9Van Nispen Seven 29 Historische Kring
10Hilversumseweg 51A Aula
11Stationsweg 5 Hertenkamp
12Bij den Toren 2 Kerktoren
13Kerklaan 1
14Brink 29 Brinkhuis
15Eemnesserweg 15a Muziekcentrum
16Eemnesserweg 15, Kinderdagverblijf
17Zijtak 8, Kraanbaan
18Schuur Zevenend

3

Standaardmodel voor het instellen en evalueren van een reserve

CriteriaToelichting
Naam van de reserveNieuwe of te wijzigen bestemmingsreserves krijgen een eenduidige en doelgerichte benaming waarin het beoogde doel van de reserve duidelijk herkenbaar is.
a. DoelHet doel van de reserve, zo specifiek mogelijk geformuleerd;
b. BestedingsplanEr wordt zo concreet mogelijk beschreven waaraan en op welk moment de middelen worden besteed.
c. VoedingHoe wordt de reserve gevoed?
d. OnttrekkingDe wijze van onttrekking, op basis van werkelijke kosten of begrote kosten?
e. Maximale hoogteWat is het maximumbedrag dat in de reserve mag worden gestort?
f. LooptijdWanneer kan de reserve worden opgeheven?
g. ProgrammaHet programma waarin de reserve verantwoord dient te worden.
h. Beschikkings-bevoegdheidGemeenteraad is het uitgangspunt (budgetrecht) tenzij er dringende redenen zijn om hier van af te wijken.

4

Standaardmodel voor het instellen en evalueren van een voorziening

CriteriaToelichting
Naam van de voorzieningNieuwe voorzieningen krijgen een eenduidige en doelgerichte benaming waarin het beoogde doel van de voorziening duidelijk herkenbaar is.
a. doelHet doel van de voorziening, zo specifiek mogelijk geformuleerd;
b. storting- en bestedingsplanEr wordt zo concreet mogelijk beschreven waaraan en op welk moment de middelen worden besteed.
c. noodzakelijke omvang Hoe wordt de hoogte van de voorziening bepaald?
d. programmaHet programma waarin de voorziening verantwoord dient te worden.
e. beschikkings-bevoegdheidCollege B&W is het uitgangspunt tenzij het een egalisatievoorziening betreft waarbij de gemeenteraad een beleidskeuze heeft, in dat geval is de gemeenteraad beschikkingsbevoegd.