Officiële publicatie

Verkeersbesluit tijdelijk instellen parkeerverbod voor twee parkeervakken Bleiswijkseweg ter hoogte van perceel 17

Gemeente Zoetermeer - tijdelijk instellen parkeerverbod voor twee parkeervakken - Bleiswijkseweg ter hoogte van perceel 17

Uitgever
Zoetermeer
Gepubliceerd
Kenmerk
gmb-2026-374139

Gemeenteblad, 2026, nr. 374139

Dit is een leesweergave van BouwRadar. Voor de authentieke publicatie, formele tekst en eventuele termijnen blijft de officiële bron leidend.

Tekst van de publicatie

2026-108273

Namens burgemeester en wethouders van Zoetermeer

daartoe bevoegd op grond van:

artikel 18, lid 1, sub a,b,c en d van de Wegenverkeerswet 1994,

het mandaatbesluit van burgemeester en wethouders waarbij die bevoegdheid is gemandateerd aan de directeur van de afdeling Stadsbeheer en diens besluit tot het verlenen van ondermandaat, de teammanager Installaties & Verkeerstechniek van de afdeling Stadsbeheer;

gehoord de verkeersadviseur van de Politie Den Haag, op grond van artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer;

gelet op hetgeen ten aanzien hiervan overigens is bepaald in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer, verder het BABW genoemd, alsmede op de bepalingen ter zake in de Algemene wet bestuursrecht;

gelet voorts op het gegeven dat de in dit besluit aan de orde komende wegen, straten of parkeervoorzieningen openbaar in de zin van de Wegenwet zijn en binnen de bebouwde kom van Zoetermeer als bedoeld in artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994 liggen;

BESLUIT:

  1. door het plaatsen van het bord E4, als bedoeld in bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, voorzien van onderbord OB504, een onderbord waaruit blijkt dat de wegsleepregeling van toepassing is en een onderbord met de tekst “verboden te parkeren van 1 augustus tot en met 31 december 2026”, het gebruik van twee parkeervakken in de parkeerstrook aan de Bleiswijkseweg ter hoogte van perceel 17 tijdelijk te beperken, inhoudende dat op deze parkeervakken gedurende de op het onderbord vermelde periode niet mag worden geparkeerd;

  2. dat de onder 1 beschreven verkeersmaatregel is vastgelegd op de bij dit verkeersbesluit behorende tekening, die als bijlage bij dit verkeersbesluit is toegevoegd en daarmee onderdeel is van dit besluit;

  3. vast te leggen, dat aan dit besluit de volgende overwegingen ten grondslag liggen:

    Overwegende;

    • dat de Bleiswijkseweg is gelegen binnen de gemeente Zoetermeer;

    • dat de Bleiswijkseweg een gebiedsontsluitingsweg betreft waar een maximumsnelheid van 50 km/u geldt;

    • dat ter hoogte van Bleiswijkseweg 17 aan de zuidzijde van de hoofdrijbaan van de Bleiswijkseweg een toegangsweg naar een woonwagenlocatie is gelegen;

    • dat via deze toegangsweg een woonwagenlocatie wordt ontsloten;

    • dat deze woonwagenlocatie, mede door de aanwezigheid van woonwagenstandplaatsen, aangrenzende percelen en parkeergelegenheid, feitelijk een meer verblijfsachtig karakter heeft dan de hoofdrijbaan van de Bleiswijkseweg;

    • dat binnen deze woonwagenlocatie, ter hoogte van Bleiswijkseweg 17, parkeergelegenheid aanwezig is in de vorm van meerdere parkeervakken;

    • dat twee parkeervakken in deze parkeerstrook zijn gelegen ter hoogte van het perceel Bleiswijkseweg 17;

    • dat op het perceel Bleiswijkseweg 17 het plaatsen van een woonwagen en een berging is voorzien;

    • dat voor het kunnen plaatsen van de woonwagen en de berging voldoende vrije ruimte tussen de toegangsweg en het perceel noodzakelijk is;

    • dat het plaatsen van de woonwagen en de berging niet uitsluitend bestaat uit de feitelijke plaatsing daarvan, maar ook uit de daarmee samenhangende aan- en afvoerbewegingen, voorbereidende werkzaamheden, eventuele aansluitwerkzaamheden, inrichting van het perceel en afrondende werkzaamheden;

    • dat het perceel gedurende deze tijdelijke plaatsings- en uitvoeringsperiode bereikbaar moet blijven vanaf de toegangsweg;

    • dat wanneer op de twee parkeervakken ter hoogte van het perceel motorvoertuigen worden geparkeerd, de feitelijke bereikbaarheid van het perceel vanaf de toegangsweg onvoldoende is gewaarborgd;

    • dat hierdoor de plaatsing van de woonwagen en de berging, de daarvoor noodzakelijke aan- en afvoerbewegingen en de overige daarmee samenhangende werkzaamheden kunnen worden belemmerd;

    • dat het daarom noodzakelijk is om gedurende de tijdelijke plaatsings- en uitvoeringsperiode het parkeren op deze twee parkeervakken te verbieden;

    • dat de maatregel uitsluitend betrekking heeft op twee parkeervakken in de parkeerstrook ter hoogte van Bleiswijkseweg 17;

    • dat de maatregel daarmee beperkt blijft tot de parkeervakken die noodzakelijk zijn om de bereikbaarheid van het perceel te waarborgen;

    • dat de overige parkeervakken in de parkeerstrook en de overige parkeergelegenheid in de omgeving beschikbaar blijven voor algemeen gebruik;

    • dat de tijdelijke parkeerbeperking geldt tot en met 31 december 2026, tenzij eerder blijkt dat de maatregel niet langer noodzakelijk is voor de bereikbaarheid van het perceel;

    • dat met deze einddatum rekening wordt gehouden met de voorziene plaatsings- en uitvoeringsperiode, de noodzakelijke aan- en afvoerbewegingen, de inrichting van het perceel, afrondende werkzaamheden en mogelijke uitloop van de werkzaamheden;

    • dat de maatregel eerder kan worden beëindigd wanneer de bereikbaarheid van het perceel niet langer door geparkeerde voertuigen wordt belemmerd;

    • dat de tijdelijke parkeerbeperking kenbaar wordt gemaakt door het plaatsen van het bord E4, voorzien van onderbord OB504, een onderbord waaruit blijkt dat de wegsleepregeling van toepassing is en een onderbord met de tekst “verboden te parkeren van 1 augustus tot en met 31 december 2026”;

    • dat hierdoor voor weggebruikers duidelijk wordt dat de betreffende twee parkeervakken gedurende de op het onderbord vermelde periode niet mogen worden gebruikt om te parkeren;

    • dat het waarborgen van de bereikbaarheid van het perceel Bleiswijkseweg 17 gedurende deze tijdelijke periode zwaarder weegt dan het tijdelijk beschikbaar houden van de twee betreffende parkeervakken voor algemeen parkeren;

    • dat de nadelige gevolgen voor overige weggebruikers en parkeerders beperkt zijn, omdat de maatregel tijdelijk van aard is en slechts betrekking heeft op twee parkeervakken;

    • dat met deze maatregel de bruikbaarheid van de weg en de bereikbaarheid van het aangrenzende perceel worden gewaarborgd;

    • dat over de voorgenomen verkeersmaatregel overleg is gevoerd met de verkeersadviseur van de Politie Den Haag;

    • dat gevoeglijk kan worden gesteld dat aan deze besluitvoering een zorgvuldige voorbereiding als bedoeld in artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht vooraf is gegaan;

    • dat er geen sprake is van een besluit met onevenredig nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht;

Dat de maatregel, gelet op artikel 2 lid 1 van de Wegenverkeerswet, strekt tot:

  • het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;

Zoetermeer,

4 augustus 2026.

Namens het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer,

de teammanager Installaties & Verkeerstechniek van de afdeling Stadsbeheer.

N.B.

Belanghebbenden die zich niet met dit besluit kunnen verenigen, kunnen op grond van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht daartegen binnen zes weken na publicatie ervan een gemotiveerd bezwaar indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer (Postbus 15, 2700 AA Zoetermeer). Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van een besluit niet.

Hiertoe kan op grond van het bepaalde in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening worden ingediend bij de voorzieningenrechter van de Rechtbank ’s Gravenhage (sector bestuursrecht, postbus 20302, 2500 EH Den Haag). In dat geval is het wel vereist dat de belanghebbende een bezwaarschrift tegen het betreffende besluit heeft ingediend en dat sprake is van een spoedeisend belang bij het treffen van die voorziening.

Bijlage bij verkeersbesluit tijdelijk instellen parkeerverbod voor twee parkeervakken Bleiswijkseweg ter hoogte van perceel 17

Kenmerk verkeersbesluit: 2026-108273

Datum: 4 augustus 2026