Tekst van de publicatie
Rotterdam, Feijenoord, AS26/01219 – 26/0004365
De directeur van cluster Stadsontwikkeling,
overwegende,
dat het Prinsenhoofd in de wijk Noordereiland ligt binnen het gebied Feijenoord van de gemeente Rotterdam;
dat het Prinsenhoofd een gebiedsontsluitingsweg betreft waarbij een maximumsnelheid van 50 km/u geldt;
dat in de huidige situatie op het Prinsenhoofd een geslotenverklaring geldt voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee, met uitzondering van lijnbussen, zoals vastgesteld in het verkeersbesluit met kenmerk nummer AS16/14685-16/0507585 gepubliceerd in de Staatscourant op 26 september 2016 https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2016-51048.html;
dat deze geslotenverklaring destijds is ingesteld vanwege illegaal parkeren en het inrijden door overlastgevende voertuigen;
dat onder deze geslotenverklaring een uitzondering voor lijnbussen gold vanwege de aanwezigheid van een bushalte van de RET op het Prinsenhoofd;
dat deze bushalte inmiddels is verplaatst naar de parallel gelegen Meeuwenstraat, waarvoor eerder een afzonderlijk verkeersbesluit is genomen;
dat hierdoor de noodzaak voor de uitzondering voor lijnbussen is komen te vervallen;
dat de gemeente de bestaande geslotenverklaring op het Prinsenhoofd, gelet op de illegale parkeersituaties en de overlast door voertuigen, in stand wenst te houden;
dat het wenselijk is de uitzondering voor lijnbussen onder de bestaande geslotenverklaring te verwijderen, zodat de geslotenverklaring onverkort geldt;
dat het Prinsenhoofd, nu de bushalte is verplaatst, tevens fysiek kan worden afgesloten voor motorvoertuigen;
dat deze fysieke afsluiting de bestaande geslotenverklaring ondersteunt en bijdraagt aan de handhaafbaarheid van de maatregel;
dat met deze verkeersmaatregel wordt beoogd illegaal parkeren en de aanwezigheid van overlastgevende voertuigen op het Prinsenhoofd tegen te gaan en daarmee de verkeersveiligheid, bruikbaarheid van de weg en leefbaarheid te bevorderen;
dat de maatregel, gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 (Wvw, besluit van 21 april 1994, Staatsblad (Stb.) 1994, 475, zoals nadien gewijzigd), strekt tot:
het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;
het verzekeren van de veiligheid op de weg;
het beschermen van weggebruikers en passagiers;
dat de weg onder beheer is van de gemeente Rotterdam;
dat in het kader van artikel 24 sub a. van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW, besluit van 26 juli 1990, 460, of zoals nadien gewijzigd) wel overleg heeft plaatsgevonden met de Politie, eenheid Rotterdam, waarbij de Politie positief heeft geadviseerd.
Gelet op artikel 18 aanhef en onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (Staatsblad 1994, nr. 475, zoals nadien gewijzigd), het bepaalde in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 en het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en daartoe bevoegd krachtens door het college van Burgemeester en Wethouders verleend mandaat in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2022 (gemeenteblad 2022-187, zoals nadien gewijzigd);
Besluit:
namens het college van Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,
Tot het intrekken van de uitzondering lijnbussen op de geslotenverklaring op het Prinsenhoofd, middels
het verwijderen van het onderbord ‘uitgezonderd lijnbussen’ zoals bedoeld in bijlage I van het RVV 1990;
De directeur van Cluster Stadsbeheer wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Dit besluit wordt zowel in het Gemeenteblad als op de voor de gemeente gebruikelijke wijze gepubliceerd.
Rotterdam, 18 augustus 2026
Namens het college van Burgemeester en Wethouders
de directeur van het cluster Stadsontwikkeling,
voor deze, het hoofd Mobiliteit,
Remco de Goederen
Hoofd van de afdeling Mobiliteit
Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit binnen zes weken na datum van publicatie, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders.
Dit bezwaarschrift moet ondertekend zijn en moet ten minste bevatten:
- naam en adres van de indiener
- datum bezwaarschrift
- de gronden van het bezwaar
- een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt.
Het bezwaarschrift moet worden gezonden naar:
Het college van burgemeester en wethouders,
t.a.v. de Algemene Bezwaarschriftencommissie, postbus 1011, 3000 BA te ROTTERDAM.
Faxnummer Algemene Bezwaarschriftencommissie: (010) 2676300.
U kunt uw bezwaarschrift ook digitaal indienen op: www.rotterdam.nl/bezwaar
U kunt, indien u een bezwaarschrift bij het college heeft ingediend, een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij: