Officiële publicatie

Verkeersbesluit voor het instellen van diverse tijdelijke verkeersmaatregelen (Fase 3) aan Kethelweg te Vlaardingen

Gemeente Vlaardingen - instellen van diverse tijdelijke verkeersmaatregelen - aan Kethelweg te Vlaardingen

Uitgever
Vlaardingen
Gepubliceerd
Kenmerk
gmb-2026-404664

Gemeenteblad, 2026, nr. 404664

Dit is een leesweergave van Bouwvergunning.app. Voor de authentieke publicatie, formele tekst en eventuele termijnen blijft de officiële bron leidend.

Tekst van de publicatie

1089784

vastgesteld hebbend, dat de bestuurlijke bevoegdheid hiertoe op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 bij het College van Burgemeester en Wethouders ligt, omdat dit verkeersbesluit betrekking heeft op een weg of gedeelte daarvan, zoals genoemd in artikel 1, eerste lid, onder b, van die wet, die onder het beheer van noch het Rijk, noch de provincie, noch het waterschap valt en is gelegen in de gemeente Vlaardingen;

gezien het Mandaatbesluit Ambtenaren 2021 en het Ondermandaatbesluit Ambtenaren 2021;

gelezen het advies van de politie d.d. 19 augustus 2026, die met dit besluit instemt en waarmee tevens is voldaan aan de verplichting als bedoeld in artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer;

overwegende dat op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;

overwegende dat op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken;

gelet op artikel 37 van het BABW in verband met de tijdelijkheid van de maatregel welke naar verwachting langer gaat duren dan 4 maanden;

gelet op hetgeen ten aanzien hiervan overigens in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer is bepaald, alsmede op de bepalingen ter zake van de Algemene wet bestuursrecht;

Het college van Burgemeester en Wethouders besluit:

  1. tot het tijdelijk instellen van éénrichtingsverkeer uitgezonderd (brom-)fietsers op de Kethelweg vanaf de kruising Boterbloemstraat tot aan de Hortensiastraat door plaatsing van de verkeersborden C2 en C3 met onderbord OB54 zoals bedoeld in bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  2. tot het tijdelijk instellen van een geslotenverklaring voor voetgangers op het trottoir van de Kethelweg ter hoogte van de percelen 171a tot en met 187a door plaatsing van verkeersbord C16 zoals bedoeld in bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  3. te bepalen dat de onder 1 en 2 genoemde maatregelen worden uitgevoerd zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende situatietekening, d.d 19 augustus 2026;

  4. te bepalen dat dit verkeersbesluit in werking treedt op de dag van bekendmaking in het Gemeenteblad.

OVERWEGINGEN TEN AANZIEN VAN HET BESLUIT

Aanleiding en bestaande situatie:

  • dat de Kethelweg is gelegen binnen de bebouwde kom van Vlaardingen;

  • dat de Kethelweg een erftoegangsweg betreft waar een maximumsnelheid van 30 km/u geldt;

  • dat op de Kethelweg werkzaamheden worden uitgevoerd vanaf week 27 van 2026 tot week 10 van 2027;

  • dat deze werkzaamheden plaatsvinden gedurende fase 3 van het project;

  • dat de Kethelweg in de huidige situatie toegankelijk is voor gemotoriseerd verkeer, voetgangers en parkerende motorvoertuigen;

  • dat ter hoogte van de percelen 171a tot en met 187a een trottoir aanwezig is dat onderdeel uitmaakt van de reguliere voetgangersroute;

  • dat ter hoogte van deze percelen tevens parkeervakken aanwezig zijn;

  • dat voor de uitvoering van de werkzaamheden tijdelijk werkruimte nodig is op en langs de Kethelweg;

  • dat de uitvoering van de werkzaamheden leidt tot een gewijzigde verkeerssituatie binnen het werkgebied;

  • dat het noodzakelijk is tijdelijke verkeersmaatregelen te treffen om de werkzaamheden veilig en verantwoord uit te kunnen voeren;

Verkeerskundige aspecten zijn:

  • dat het wenselijk is tijdelijk éénrichtingsverkeer uitgezonderd (brom-)fietsers in te stellen op de Kethelweg, vanaf de kruising Boterbloemstraat tot aan de Hortensiastraat, door middel van de verkeersborden C2 en C3 met onderbord OB54 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • dat bestuurders vanaf de kruising Boterbloemstraat de Kethelweg in kunnen rijden;

  • dat hiermee conflicten tussen tegemoetkomende verkeersstromen binnen het werkgebied worden voorkomen;

  • dat het wenselijk is tijdelijk een geslotenverklaring voor voetgangers in te stellen op het trottoir van de Kethelweg ter hoogte van de percelen 171a tot en met 187a door middel van verkeersbord C16 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

  • dat voetgangers door middel van informatieborden worden verwezen naar het trottoir aan de overzijde van de Kethelweg;

  • dat hiermee voldoende werkruimte beschikbaar blijft voor de uitvoering van de werkzaamheden;

  • dat rondom het werkgebied verkeersborden J16 “werk in uitvoering” worden geplaatst om weggebruikers tijdig op de werkzaamheden te attenderen;

  • dat rood-witte afzethekken en geleidebakens worden geplaatst ter afscherming van het werkvak en ter geleiding van het verkeer;

  • dat tijdelijke omleidingsroutes voor het verkeer worden ingesteld;

  • dat ten behoeve van de uitvoering van de werkzaamheden een aanrijdroute voor bouwverkeer wordt ingesteld;

  • dat bouwverkeer vanuit zuidelijke richting wordt geleid via de Schiedamsedijk, het Hargapad, de Van Hogendorplaan en de Kethelweg;

  • dat bouwverkeer vanuit noordelijke richting wordt geleid via de Holysingel, de Burgemeester Heusdenslaan en de Kethelweg;

  • dat hiermee wordt beoogd bouwverkeer zoveel mogelijk gebruik te laten maken van de daarvoor geschikte hoofdwegenstructuur;

  • dat hiermee wordt voorkomen dat bouwverkeer onnodig gebruik maakt van omliggende woonstraten;

  • dat hierdoor de verkeersveiligheid, de bereikbaarheid van het werkvak en de leefbaarheid in de omgeving zoveel mogelijk worden gewaarborgd;

  • dat de tijdelijke verkeersmaatregelen noodzakelijk zijn om de werkzaamheden veilig uit te voeren en de bereikbaarheid van de omgeving zoveel mogelijk te waarborgen;

  • dat met deze verkeersmaatregelen de verkeersveiligheid wordt vergroot, de doorstroming van het verkeer wordt gereguleerd en de veiligheid van weggebruikers, bewoners, ondernemers en wegwerkers wordt gewaarborgd;

Uit het oogpunt van:

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan.

Is het gewenst om:

  • ter waarborging van een veilige uitvoering van de werkzaamheden en ter bescherming van weggebruikers, bewoners, ondernemers en wegwerkers tijdelijk éénrichtingsverkeer uitgezonderd (brom-)fietsers in te stellen op de Kethelweg vanaf de kruising Boterbloemstraat tot aan de Hortensiastraat;

  • tijdelijk een geslotenverklaring voor voetgangers in te stellen op het trottoir van de Kethelweg ter hoogte van de percelen 171a tot en met 187a;

  • deze tijdelijke verkeersmaatregelen in te stellen door plaatsing van de verkeersborden C2, C3 en C16 met bijbehorende onderborden, een en ander zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening.

Belangenafweging

  • bij de afweging van belangen gaat het om de verkeerskundige aspecten, in dit geval de verkeersveiligheid, het beschermen van de weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan, zoals geformuleerd in artikel 2, eerste lid sub a, b, c en d van de Wegenverkeerswet 1994;

  • er zijn geen individuele belangen in het geding die de positie van één of meer personen kunnen aantasten;

  • er zijn dan ook geen aanwijzingen dat er sprake is of kan zijn van belangen die strijdig zijn met de gewenste verkeersmaatregelen;

  • daarom kan bij het nemen van het besluit evenmin sprake zijn van onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Zorgvuldigheid

  • dat bij de voorbereiding van dit besluit dan ook gehandeld is overeenkomstig de zorgvuldigheid die op grond van artikel 3:1 van de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van besluiten als deze moet worden betracht;

  • dat met de vaststelling van dit besluit dan ook geen sprake is van een besluit met onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Vlaardingen,

Namens burgemeester en wethouders van Vlaardingen,

B. Huzen

Teammanager Beheer Openbare Ruimte

MEDEDELINGEN

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen ingevolge artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht tegen dit besluit binnen zes weken na bekendmaking daarvan, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen, onder vermelding van “bezwaarschrift verkeersbesluit”, Postbus 1002, 3130 EB Vlaardingen.

Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en tenminste bevatten:

naam en adres van belanghebbende;

de dagtekening;

een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaarschrift zich richt;

de gronden van het bezwaar;

een volmacht, indien het bezwaarschrift niet door de belanghebbende maar door een ander, namens hem, wordt ingediend.

Het maken van bezwaar schorst niet de werking van dit besluit (zie artikel 6:16 van de Algemene wet bestuursrecht).

De indiener van een bezwaarschrift kan ingevolge artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, als onverwijlde spoed dat – gelet op de betrokken belangen – vereist, eveneens een voorlopige voorziening (waaronder schorsing) vragen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank te Rotterdam, Postbus 50951, 3007 BM Rotterdam.

Afschriften

Afschriften van dit verkeersbesluit zijn verzonden aan:

de politie.