Officiële publicatie

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam m.b.t. delegatie beslissingsbevoegdheid aanvragen omgevingsvergunningen Windturbines Havengebied Amsterdam

Delegatiebesluit Windturbines Havengebied Amsterdam

Uitgever
Amsterdam
Gepubliceerd
Kenmerk
gmb-2026-434300

Gemeenteblad, 2026, nr. 434300

Dit is een leesweergave van Bouwvergunning.app. Voor de authentieke publicatie, formele tekst en eventuele termijnen blijft de officiële bron leidend.

Tekst van de publicatie

Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,

gelet op artikel 5.16, lid 1, van de Omgevingswet;

gelet op artikel 10.15, van de Algemene wet bestuursrecht;

overwegende dat:

  • het college van gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland een projectbesluit voorbereid om windturbines in het havengebied van Amsterdam mogelijk te maken;

  • er in overleg tussen Port of Amsterdam, Provincie Noord-Holland en Gemeente Amsterdam is gekozen voor een projectbesluitprocedure met gecoördineerde vergunningverlening t.b.v. risicospreiding en het beter aan kunnen sluiten bij fasering en projectontwikkeling;

  • Gemeente Amsterdam deze overweging ondersteunt en hieraan meewerkt door dit delegatiebesluit;

  • het hiermee geen integraal projectbesluit betreft;

  • het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam bevoegd is te besluiten op de aanvragen omgevingsvergunningen voor de omgevingsplanactiviteit, de activiteit bouwen en de milieubelastende activiteit;

  • het college van gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland heeft ingestemd met de delegatie.

besluit vast te stellen:

Delegatiebesluit Windturbines Havengebied

Artikel

1

Delegatie bevoegdheid beslissen op een aanvraag omgevingsvergunningen

De bevoegdheid tot het beslissen op omgevingsvergunningen voor de realisatie van windturbines die betrekking hebben op de ambitie uit het Programma Windenergie Amsterdam 2030 binnen het projectgebied van het projectbesluit ‘Nieuwe windturbines Havengebied Amsterdam’, te delegeren aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland voor zover het gaat om een omgevingsvergunning voor:

  • de activiteit bouwen als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, onder a, van de Omgevingswet;

  • de omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, lid 1, onder a, van de Omgevingswet;

  • de milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, onder b, van de Omgevingswet.

Artikel

2

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.

Artikel

3

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als Delegatiebesluit Windturbines Havengebied Amsterdam.

Aldus vastgesteld in de vergadering van 8 september 2026.

De burgemeester

Femke Halsema

De gemeentesecretaris

Catrien Lenstra

Toelichting

Algemeen deel

Aanleiding

In het havengebied van Amsterdam wordt, op verzoek van Port of Amsterdam (PoA) door de provincie Noord-Holland, een projectbesluit voorbereid (besluit van gedeputeerde staten van Noord-Holland van 14 oktober 2025, nr. 2446736/2446768). Met het projectbesluit wordt het omgevingsplan van Amsterdam gewijzigd op zo’n manier dat het mogelijk wordt gemaakt in het havengebied windturbines te plaatsen met een gezamenlijk vermogen van meer dan 15MW en minder dan 100MW. PoA heeft uit oogpunt van risicospreiding en het beter aan kunnen sluiten bij fasering en projectontwikkeling, de wens uitgesproken om de nodige uitvoeringsbesluiten (omgevingsvergunningen) ook bij de provincie te beleggen. Gemeente Amsterdam ondersteunt deze wens.

Bevoegdheden

In artikel 6.2, van de Energiewet is geregeld dat Gedeputeerde Staten van de provincie voor de aanleg of uitbreiding van een windpark met een capaciteit van ten minste 15MW maar minder dan 100MW, met inbegrip van de aansluiting van dat windpark op een systeem, een projectbesluit als bedoeld in afdeling 5.2 van de Omgevingswet kan nemen. In artikel 5.44, Ow is geregeld dat in dit geval het college van Gedeputeerde Staten van de provincie het bevoegd gezag is voor het nemen van een projectbesluit. Het projectbesluit wijzigt het omgevingsplan maar kan ook dienen als een omgevingsvergunning voor de uitvoeringsactiviteiten. De keuze die hierin gemaakt wordt is afhankelijk van de aard, inhoud, omvang en locatie van het project. In dit geval is ervoor gekozen het projectbesluit niet ook te laten gelden als de omgevingsvergunning(en) die nodig zijn voor de bouw van de windturbines in het havengebied.

De verwachting is dat voor de realisatie van windturbines in het havengebied, de omgevingsvergunningen in delen worden aangevraagd. Het is voorstelbaar dat een aanvraag betrekking heeft op het plaatsen van windturbines met een gezamenlijke capaciteit van minder dan 15MW. Tot 15MW is het college van burgemeester en wethouders bevoegd over de aanvraag te beslissen.

Met het oog op efficiënte besluitvorming is het gewenst de besluitvorming voor zover het betrekking heeft op het plaatsen van windturbines in het havengebied te beleggen bij één bevoegd gezag, namelijk Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland.

Argumentatie projectbesluit met gecoördineerde vergunningverleningIn de specifieke situatie van windturbines in het Amsterdamse havengebied is er zowel gesproken over een integraal projectbesluit als een projectbesluit met gecoördineerde vergunningverlening. Er is gekozen voor een projectbesluit met gecoördineerde vergunningverlening. De volgende argumenten spelen daarbij een rol:Flexibiliteit in de uitvoeringsfase: Een aandachtspunt bij een integraal projectbesluit is de beperkte duidelijkheid over de manier waarop wijzigingen doorgevoerd moeten worden nadat vergunningen al verleend zijn. Bij afzonderlijke vergunningen blijft flexibiliteit beter geborgd doordat de wijzigingen per activiteit doorgevoerd kunnen worden via de daarvoor bestemde procedures.Risicospreiding en robuustheid van besluitvorming: Een integraal projectbesluit bundelt alle toestemmingen in één besluit, waardoor eventuele beroepsprocedures zich ook op het gehele project richten. Dit kan bij (gedeeltelijke) vernietiging leiden tot grotere impact op het totale project.Bij een gecoördineerde aanpak blijven besluiten juridisch afzonderlijk, ondanks een gezamenlijke voorbereiding en beroepsgang. Hierdoor ontstaat meer robuustheid en risicospreiding binnen het project.Aansluiting bij fasering en projectontwikkeling:De omgevingswet biedt expliciet ruimte om besluitvorming gefaseerd en parallel te organiseren, ook in combinatie met de coördinatie van besluiten. Voor projecten waarbij ontwerp en uitvoering verder uitgewerkt moeten worden, waar hier sprake van is, biedt dit een aantal voordelende mogelijkheid om vergunningen gefaseerd aan te vragen;Betere aansluiting op technische uitwerking en marktontwikkelingen.Praktische uitvoerbaarheid en contractering:Het is voor de uitvoering en uiteindelijke contractvorming met ontwikkelaars en/of aannemers gemakkelijker werken met afzonderlijke vergunningen. Dit heeft als voordeel dat er meer duidelijkheid per discipline en activiteit kan worden gegeven. Projecten worden doorgaans technisch en contractueel op dezelfde wijze ingericht waardoor er meer aansluiting ontstaat.Behoud voordelen van coördinatie:Door het blijven toepassen van de coördinatieregeling (afdeling 3.5 AwB), blijft het voordeel van integrale besluitvorming behouden. Gelijktijdige voorbereiding en terinzagelegging, en gelijke procedures voor bezwaar en beroep.

Delegatie

In de Omgevingswet is een flexibiliteitsregeling opgenomen op grond waarvan door overdracht van bevoegdheden in een andere bevoegdheidsverdeling kan worden voorzien dan is geregeld in de Omgevingswet. De overdracht van bevoegdheden wordt geregeld met een delegatiebesluit. Met delegatie van een bevoegdheid kan de doelmatigheid en efficiëntie van de besluitvorming vergroot worden. De begrenzing van de delegatie moet voldoende concreet en objectief zijn.

Dit besluit voorziet in de delegatie van de beslissingsbevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders aan het college van gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland.

Artikelsgewijze toelichting

Artikel 1 Delegatie bevoegdheid verlenen of weigeren van omgevingsvergunningen

De delegatie aan gedeputeerde staten van de provincie Noord-Holland heeft alleen betrekking op omgevingsvergunningen ten behoeve van windturbines die liggen binnen het projectgebied van het projectbesluit. Het projectgebied valt binnen het zoekgebied ‘Havengebied’ zoals dat is vastgelegd in de Regionale Energie Strategie (RES). Het zoekgebied ligt in de gemeente Amsterdam ten westen van de ring A10. Het betreft maximaal 25 nieuwe windturbines, inclusief de mogelijke vervanging van 14 bestaande windturbines.

Zoekgebied ‘Havengebied’

De delegatie geldt voor het weigeren of verlenen van de omgevingsvergunning voor:

  • de activiteit bouwen als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, onder a, van de Omgevingswet;

  • de omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, lid 1, onder b, van de Omgevingswet. Dit kan bijvoorbeeld de omgevingsplanactiviteit bouwen of de omgevingsplanactiviteit aanleggen zijn;

  • de milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1, lid 2, onder g, van de Omgevingswet.

Artikel 2 Inwerkingtreding

Dit artikel regelt dat het besluit inwerking treedt op de dag na publicatie in het Gemeenteblad.

Artikel 3 Citeertitel

Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.