Officiële publicatie

Ondermandaatbesluit gebiedsontzeggingen

Besluit mandaat gebiedsontzeggingen gemeente Kaag en Braassem 2026

Uitgever
Kaag en Braassem
Gepubliceerd
Kenmerk
gmb-2026-436717

Gemeenteblad, 2026, nr. 436717

Dit is een leesweergave van Bouwvergunning.app. Voor de authentieke publicatie, formele tekst en eventuele termijnen blijft de officiële bron leidend.

Tekst van de publicatie

De burgemeester van de gemeente Kaag en Braassem;

Overwegende dat:

  • een gebiedsontzegging een maatregel is om de openbare orde te handhaven, criminaliteit en overlast terug te dringen en bewoners hun gevoel van veiligheid terug te geven;

  • de burgemeester bevoegd is om een gebiedsontzegging op te leggen teneinde openbare orde verstorende gedragingen te beëindigen of te voorkomen;

  • in artikel 2:78 van de APV is bepaald op welke wijze de burgemeester invulling geeft aan deze bevoegdheid;

  • het wenselijk is deze bevoegdheid die de burgemeester in het kader van de handhaving van de openbare orde bezit, tevens te beleggen bij politieambtenaren van politie eenheid Den Haag en toezichthouders met toezichthoudende bevoegdheid op handhaven APV;

  • dit mandaat van de burgemeester aan ambtenaren van de politie en toezichthouders met toezichthoudende bevoegdheid op handhaven APV, zal bijdragen aan een spoedige, effectieve en efficiënte toepassing van gebiedsontzeggingen;

  • mandatering plaatsvindt met inachtneming van afdeling 10.11 van de Algemene wet bestuursrecht;

Gelet op:

  • Artikel 2:78 van de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Kaag en Braassem 2012 (hierna: APV);

  • Afdeling 10.11 van de Algemene wet bestuursrecht;

Besluit:

[De aanhef bevat een kennelijke verschrijving, waar wordt verwezen naar afdeling 10.11 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht bedoeld.]

Artikel

1

Aanwijzing

1

Ter uitvoering van het bepaalde in artikel 2:78 van de APV:

  • aan de ambtenaren van politie-eenheid Den Haag van de Nationale politie, als bedoeld in artikel 2, aanhef en onder a van de Politiewet 2012 juncto artikel 1 lid 1 onder d Besluit algemene rechtspositie politie en toezichthouders met toezichthoudende bevoegdheid op handhaven APV, als bedoeld in het aanwijzingsbesluit toezichthouders gemeente Kaag en Braassem de bevoegdheid te mandateren tot het opleggen van een gebiedsontzegging met een looptijd korter dan twee weken zoals bedoeld in artikel 2:8 van de APV;

  • de ‘Instructie gebiedsontzeggingen artikel 2:78 APV’ vast te stellen zoals opgenomen als bijlage bij dit mandaatbesluit;

  • het format ‘Gebiedsontzegging’ vast te stellen zoals opgenomen als bijlage bij dit mandaatbesluit.

Een besluit tot het opleggen van een gebiedsontzegging die door cumulatie van overredingen een looptijd van langer dan twee weken heeft, wordt opgelegd door de burgemeester en is dus uitdrukkelijk niet gemandateerd.

Artikel

2

Inwerkingtreding

1

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dag van bekendmaking.

2

Op de in lid 1 bedoelde dag vervalt het ‘Besluit mandaat gebiedsontzeggingen gemeente Kaag en Braassem’, zoals vastgesteld op 16 september 2025.

Artikel

3

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als ‘Besluit mandaat gebiedsontzeggingen gemeente Kaag en Braassem 2026’.

Aldus vastgesteld te Roelofarendsveen, 7 september 2026.

De burgemeester van Kaag en Braassem,

A. Heijstee-Bolt

Bijlage

1

Werkinstructie gebiedsontzeggingen artikel 2:78 APV

Ter zake van de uitoefening worden de volgende instructies worden meegegeven:

De gemandateerde politieambtenaren en toezichthouders met toezichthoudende bevoegdheid op handhaven APV kunnen alleen een gebiedsontzegging opleggen onder de voorwaarden zoals opgenomen in de APV: Artikel 2:78 Gebiedsontzeggingen.

Artikel 2:78 Gebiedsontzeggingen

  1. De burgemeester kan aan een persoon in het belang van de openbare orde, het voorkomen of beperken van overlast, het voorkomen of beperken van aantastingen van het woon- of leefklimaat, de veiligheid van personen of goederen, de gezondheid of de zedelijkheid aan een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht een tijdelijk verbod opleggen om gedurende ten hoogste 72 uur in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats aanwezig te zijn.

  2. Met het oog op de in het eerste lid genoemde belangen kan de burgemeester aan een persoon aan wie ten minste eenmaal een tijdelijk verbod is opgelegd als bedoeld in dat lid en die binnen zes maanden na een eerder tijdelijk verbod opnieuw strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht, een tijdelijk verbod opleggen om gedurende ten hoogste acht weken in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats aanwezig te zijn.

  3. De burgemeester beperkt het krachtens het eerste of tweede lid opgelegde verbod, als hij dat in verband met de persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk oordeelt. De burgemeester kan op aanvraag tijdelijk ontheffing verlenen van een tijdelijk verbod.

  4. Het is verboden te handelen in strijd met een krachtens het eerste of tweede lid opgelegd verbod.

  5. Indien de officier van justitie een persoon een gedragsaanwijzing heeft gegeven als bedoeld in artikel 509hh, tweede lid, onderdeel a, van het Wetboek van Strafvordering, legt de burgemeester aan deze persoon voor hetzelfde gebied niet een tijdelijk verbod op als bedoeld in het eerste of tweede lid.

Gebiedsontzegging beleidsregel

  • de burgemeester kan een gebiedsontzegging opleggen aan personen die in het aangewezen gebied de openbare orde verstoren zoals genoemd in artikel 2:78 APV;

  • voor het opleggen van een gebiedsontzegging wordt alleen gebruik gemaakt van het door de burgmeester vastgestelde en beschikbaar gestelde format;

  • de gebiedsontzegging wordt ingevuld door een gemandateerde politieambtenaar of toezichthouder met toezichthoudende bevoegdheid op handhaven APV en bijzondere wetten en uitgereikt aan de betrokkene;

  • een bewijs van uitreiking wordt uiterlijk één werkdag na uitreiking gestuurd aan de burgemeester;

  • bij twijfel of een situatie in aanmerking komt voor het opleggen van een gebiedsontzegging, overlegt de politie met de ambtenaren van de gemeente die met het opstellen van gebiedsontzeggingen door de burgemeester zijn belast.

In de beschikking tot het opleggen van een gebiedsontzegging wordt geen begunstigingstermijn opgenomen. De spoedeisendheid verzet zich tegen het opnemen van een dergelijke termijn.

Bij verstoring van de openbare orde is direct optreden noodzakelijk en gerechtvaardigd. De negatieve impact van deze verstoringen op de leefomgeving en samenleving is groot.